Sophia

'Mijn kind gaat het ziekenhuis uit, en heeft nog zorg nodig’

Ontslag uit het ziekenhuis: Bureau Nazorg
Het moment waarop onderzoek(en) en/of behandeling(en) ten einde zijn en eventueel poliklinisch voortgezet kunnen worden, is in zicht. U en uw kind zijn daarover op de hoogte gesteld door de arts of verpleegkundige. Uw kind heeft in zijn/haar situatie na het ontslag waarschijnlijk meer zorg nodig dan u, uw familie en andere direct betrokkenen kunnen bieden. Er zal dus een zorginstelling ingeschakeld moeten worden die de benodigde zorg kan geven.

Hoe gaat dat in zijn werk?
De afdelingsverpleegkundige bespreekt met u en uw kind welke zorg er aanvullend nodig is. Vervolgens schakelt de afdelingsverpleegkundige de transferverpleegkundige van Bureau Nazorg van het ziekenhuis in. Bij de transferverpleegkundigen is kennis en informatie beschikbaar over de mogelijkheden voor zorgverlening buiten ons ziekenhuis. De transferverpleegkundige regelt samen met u de noodzakelijke zorg aansluitend op het verblijf van uw kind in het ziekenhuis.

Indicatiestelling
Als duidelijk is welke zorg voor uw kind (na het ontslag) noodzakelijk is, is daarvoor een indicatie nodig. Persoonlijke verzorging, verpleging of verblijf in een zorginstelling, via de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, is alleen mogelijk als daar een indicatie voor is. De indicatie wordt gesteld door het Centrum Indicatiestelling Zorg (www.ciz.nl).

De transferverpleegkundige geeft de benodigde informatie door aan het CIZ. Het CIZ neemt op grond van deze informatie het (indicatie)besluit. Als er aanleiding is om extra informatie te verzamelen voordat het besluit genomen kan worden, kan de indicatiesteller uw kind alsnog op de afdeling bezoeken. Wanneer de indicatie gesteld is, ontvangt u het indicatiebesluit op schrift.

Huishoudelijke verzorging valt sinds 1 januari 2008 onder de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO). U kunt hiervoor een aanvraag indienen bij het gemeenteloket van de gemeente waar u woonachtig bent (www.overheid.nl). 

Zorgbemidddeling
De transferverpleegkundige zal namens u een zorgaanbod zoeken dat het best bij uw kind past en beschikbaar is. Er is een nauwe samenwerking tussen de zorginstellingen, zorgkantoor en de transferverpleegkundige. Op deze manier worden u en uw kind zo goed mogelijk op de hoogte gesteld over de mogelijke wachttijd en datum van overname van zorg door de zorginstelling.

Voor Zeeland, West-Brabant en een deel van de Zuid-Hollandse eilanden heeft het Erasmus MC een samenwerkingsverband met Stichting Thuiszorg Nederland. Zij hebben een aantal teams van kinderverpleegkundigen die zowel verpleegtechnische zorg als ondersteuning en pedagogische begeleiding kan bieden. Meer informatie hierover krijgt u van de transferverpleegkundige.

Voorbereiding van het ontslag
Als de voor uw kind benodigde zorg gegeven kan worden, stelt de transferverpleegkundige u daarvan op de hoogte. In overleg met de zorginstelling die de zorg overneemt, wordt de datum bepaald waarop uw kind het ziekenhuis zal verlaten. De verpleegkundige van de afdeling zorgt voor de verpleegkundige overdracht, het vervoer en het meegeven van de recepten. Als uw kind voor de zorg na ontslag uit het ziekenhuis afhankelijk is van bepaalde apparatuur en/of hulpmiddelen, regelt de transferverpleegkundige deze voor uw kind. Hij/zij draagt er zorg voor dat de vergoeding van de apparatuur wordt aangevraagd bij de ziektekostenverzekeraar en dat de hulpmiddelen bij de thuiszorg worden aangevraagd. Tevens zorgt de transferverpleegkundige ervoor dat de aflevering van deze materialen voorafgaand aan het ontslag, geregeld is.

Vragen
Heeft u vragen over het ontslag van uw kind uit het ziekenhuis, dan kunt u deze stellen aan de verpleegkundigen op de afdeling of aan de transferverpleegkundige.