Mammapoli
Polikliniek mammadiagnostiek
|
U kunt bij de polikliniek mammadiagnostiek terecht als u
een verwijzing heeft van uw huisarts of specialist. |
Eerste bezoek
Bij uw eerste bezoek aan de polikliniek
mammadiagnostiek komen onderstaande zaken aan de orde:
- U krijgt een korte vragenlijst om in te vullen in de wachtkamer
- U bespreekt uw klachten en/of vragen met de arts, die onder meer ingaat
op: medische voorgeschiedenis, medicijngebruik en of er wel of geen
(borst)kanker in uw familie voorkomt. Ook eventuele gegevens verkregen uit
het bevolkingsonderzoek en/of een ander ziekenhuis worden met u
doorgenomen
- De arts onderzoekt uw borsten en de oksels. De hele borst wordt
systematisch afgetast om te voelen of er oneffenheden of knobbels aanwezig
zijn. De oksels bevatten regionale lymfeklieren (dit zijn de klieren die
zich vlakbij de borst bevinden) waarin eventueel uitzaaiingen kunnen
zitten
-
Mammografie: Na het lichamelijk onderzoek worden op de
röntgenafdeling röntgenfoto's van uw borsten gemaakt, tenzij u jonger
bent dan 25 jaar of zwanger. Van elke borst worden twee foto's gemaakt.
De borst wordt tussen twee platen gelegd die kortdurend stevig worden
aangedrukt. Dit stevig aandrukken kan onprettig zijn, maar het is nodig
om met zo min mogelijk röntgenstralen goede foto's te maken. De
digitale foto's worden direct bekeken om te zien of ze gelukt zijn. Is
de kwaliteit van de foto's niet goed of zijn er aanvullende (detail)
foto's nodig voor een betere beoordeling, dan worden die aansluitend
gemaakt.
-
Echografie: In sommige gevallen moet de borst ook
echografisch worden onderzocht. Dit is een onderzoek met geluidsgolven
dat niet pijnlijk is. Voor dit onderzoek brengt de radiodiagnost een
speciale gel op de borst aan en strijkt met een apparaatje, dat
(onhoorbare) geluidsgolven uitzendt, over de borst. Op de monitor kan
de radiodiagnost het verschil zien tussen een blaasje gevuld met vocht
(cyste) of een weefselknobbeltje
-
Cytologische punctie: Om een goedaardige van een
kwaadaardige afwijking te onderscheiden is weefselonderzoek met behulp
van een microscoop nodig. Is er sprake van een voelbaar knobbeltje, dan
kan de mammadiagnostiek-arts op de polikliniek een cytologische punctie
verrichten. Met een dunne, holle naald, bevestigd aan een spuit die op
een handgreep zit, wordt uit het knobbeltje vocht en/ of weefsel
opgezogen. Voor dit onderzoek is meestal geen verdoving nodig. Soms is
het prikken gevoelig.
Het opgezogen vocht en/ of weefsel wordt in het laboratorium door de patholoog microscopisch onderzocht. Is de afwijking in uw borst niet voelbaar, maar wel zichtbaar op de mammografie en/of de echografie, dan verricht de radiodiagnost, zo mogelijk tijdens het echografisch onderzoek, een cytologische punctie.
Nadat u op de röntgenafdeling de verschillende onderzoeken heeft gehad, bespreekt u met de mammadiagnostiek-arts de uitslagen en het te volgen beleid.
-
Core-biopt: soms is het nodig om met een dikkere naald
de afwijking aan te prikken. Dit wordt een core-biopt genoemd. Dit
gebeurt wel onder plaatselijke verdoving. Hierbij wordt een klein
stukje weefsel uit de borst weggenomen voor onderzoek. Voor dit
onderzoek moet meestal een aparte afspraak op een ander moment worden
gemaakt.
- MRI onderzoek: soms is het noodzakelijk aanvullend een MRI onderzoek (Magnetic Resonance Imaging) van uw borsten te doen. Ook voor dit onderzoek moet een aparte afspraak op een ander moment gemaakt worden. Bij deze onderzoekstechniek wordt gebruik gemaakt van magneetvelden en radiogolven (en niet van röntgenstralen). Daarmee kunnen als het ware een 'dwarsdoorsneden' van uw borsten gemaakt worden. Op een computerscherm zijn dan op de plaats van de 'doorsnede' alle inwendige weefsels te zien. U ligt bij dit onderzoek op de buik in een soort koker of tunnel. Dat wordt soms als benauwend ervaren. Een MRI-apparaat maakt bovendien nogal wat lawaai. U mag bij dit onderzoek uw muziek meebrengen om te beluisteren.
Soms is het niet mogelijk om alle uitslagen op zo korte termijn met u te bespreken, omdat nog niet alle uitslagen bekend zijn of omdat er nog aanvullend onderzoek verricht moet worden. In dat geval krijgt u een nieuwe afspraak op de mammadiagnostiek poli.
Tweede bezoek
Enkele dagen na uw eerste bezoek heeft
u een vervolg afspraak bij de mammadiagnostiek-arts om de uitslagen van de
foto's en de cytologische punctie en/of de bioptie te bespreken.
Mocht er bij u een kwaadaardige afwijking zijn geconstateerd, dan krijgt u
(zo mogelijk aansluitend) een afspraak bij de oncologisch chirurg en
de mammacare verpleegkundige.Tegelijkertijd ontvangt u ter informatie en
ondersteuning de Zorggids Borstkanker. Hiermee kunt u zich enigszins
voorbereiden op het vervolg van uw
behandeltraject.
|
Verwijzers vinden meer informatie en telefoonnummers in het Verwijskompas |