... / ... / ... / CI-team / Het gehoor

Het gehoor

Hoe werkt het gehoor en met wat voor verlies komt een kind in aanmerking voor een CI?

Het gehoororgaan bestaat uit vier onderdelen:
- De oorschelp met de gehoorgang.
- Het middenoor met trommelvlies en de middenoorbeentjes (hamer, aambeeld en stijgbeugel). Het middenoor is, in een gezonde situatie, met lucht gevuld en staat in verbinding met de neus-keelholte via de buis van  Eustachius.
- Het binnenoor of slakkenhuis (cochlea). Het binnenoor heeft de vorm van een slakkenhuis en bestaat uit een opgerolde buis. Het slakkenhuis is verbonden met de gehoorzenuw. Nauw verbonden met het gehoororgaan is het evenwichtsorgaan.
- De gehoorzenuw en zenuwbanen in de hersenen.

Al deze onderdelen hebben een bepaalde functie voor het horen:
- De oorschelp is zo gevormd dat ze geluidsgolven die van voor of van achter komen enigszins scheidt. De geluidsgolven gaan via de gehoorgang naar het trommelvlies.
- De geluidstrillingen brengen het trommelvlies in beweging. Het geluid komt nu in het middenoor. Het middenoor bevat drie kleine beentjes: de hamer, het aambeeld en de stijgbeugel. Het eerste beentje (de hamer) is met het trommelvlies verbonden. Als het trommelvlies trilt, dan trilt de hamer mee. Via de hamer trilt ook het aambeeld. Het aambeeld geeft de trilling weer door aan de stijgbeugel.
- De trilling komt via de stijgbeugel in het binnenoor of slakkenhuis, dat met vloeistof gevuld is. Op deze manier wordt de vloeistof van het slakkenhuis in trilling gebracht.
- Het slakkenhuis is een opgerolde buis met ongeveer drie windingen. Het is onderverdeeld in drie ruimten, elk gevuld met vloeistof. Geluid wordt opgesplitst naar toonhoogte, waarbij de hoge tonen bewegingen geven aan het begin van het slakkenhuis en lage tonen aan het einde. Ook het orgaan van Corti bevindt zich in het slakkenhuis. In dit orgaan zitten duizenden haarcellen. Dit zijn zintuigcellen die reageren op de beweging van de vloeistof. Indien er beweging is, wordt het zenuwuiteinde van de gehoorzenuw die verbonden is met de haarcel, geprikkeld en ontstaat er een stroompje in de gehoorzenuw die de stroompjes doorgeeft aan de hersenen. Vervolgens worden we ons bewust van geluid doordat de hersenen begrijpen wat deze stroompjes in de zenuwbanen betekenen en horen we een geluid.



In de figuur ziet u:
1. oorschelp
2. gehoorgang
3. trommelvlies
4. hamer
5. aambeeld
6. stijgbeugel
7. ronde venster
8. buis van Eustachius (tuba auditiva)
9. slakkenhuis (cochlea)
10. halfcirkelvormige kanalen (evenwichtsorgaan)
11. gehoorzenuw






Gehoorstoornissen
Een gehoorstoornis ontstaat als er problemen zijn in één van de delen van ons gehoororgaan.

- Problemen in het middenoor (nummer 1 of 2 in de figuur)

Als hier afwijkingen zijn, wordt het geluid minder goed naar het binnenoor overgebracht. We spreken dan van een geleidingsverlies. Het effect is dat de trilling in het slakkenhuis minder sterk is. Alle geluiden worden daardoor een stuk zachter gehoord. Als er alleen in dit gedeelte van het  gehoororgaan afwijkingen zijn, is er nog altijd gehoor aanwezig en kan met versterking van bijvoorbeeld een hoortoestel een voldoende hard signaal aan het slakkenhuis worden doorgegeven. Het kan zijn dat behandeling door een KNO-arts nodig is. Een CI verbetert het gehoor in deze situatie niet. Het verslechtert zelfs de mogelijkheden van het verstaan van spraak.

- Problemen in het slakkenhuis (nummer 9 in de figuur)

Als hier afwijkingen zijn, zijn er meestal haarcellen kapot waardoor de trillingen niet meer worden omgezet in stroomstootjes. We kunnen hierdoor slechter horen. Dit soort gehoorverlies wordt een cochleair gehoorverlies genoemd. Als de haarcellen (vrijwel) allemaal ontbreken en iemand dus ernstig slechthorend of doof is, kan een CI een goede optie zijn.

- Problemen in de gehoorzenuw (nummer 11 in de figuur)

Afwijkingen aan de gehoorzenuw komen veel minder voor dan afwijkingen in het slakkenhuis. Als er een afwijking is, betekent dit dat de stroomstootjes wel gemaakt worden, maar niet meer goed worden doorgegeven via de zenuwvezels van de gehoorzenuw. Indien dit het geval is helpt een CI meestal niet om beter te horen.

Terug naar de hoofdpagina van het CI-team