Beeldvormend onderzoek

Beeldvormend onderzoek dat gebruikt wordt om de diagnose te stellen.

Beeldvorming

Bij het in kaart brengen van een craniofaciale afwijking worden verschillende vormen van 2 en 3D visualisatie technieken gebruikt. Naast het vastleggen van de afwijking zijn deze technieken ook van belang voor het plannen van operaties en het vervolgen van de resultaten in het beloop van de tijd.

a) CT-onderzoek
Bij de meeste craniofaciale afwijkingen zal als routine een CT-scan worden aangevraagd om de afwijkingen in beeld te brengen.

CT betekent 'Computer Tomografie'. Het is een vorm van röntgenfotografie, waarmee zeer gedetailleerde gegevens van het lichaam kunnen worden verkregen terwijl de stralenbelasting laag blijft. Dit is mogelijk door gebruik te maken van een computer die de door het lichaam doorgelaten röntgenstralen 'vertaalt' in een zwart-grijs-wit computerbeeld. Doordat verschillende weefselsoorten een andere röntgendoorlaatbaarheid hebben, zullen ze in verschillende grijstinten worden afgebeeld. De computer kan het lichaam op deze manier in 'plakjes' van 1 mm of van 1,5 mm dik doorlopen

Het computerbeeld geeft geen uitsluitsel over de kwaliteit van het weefsel. Zo is wel duidelijk te zien of de hersenen zijn aangelegd, maar over het functioneren van de hersenen zegt het niets.

Tijdens het onderzoek mag de patiënt niet bewegen, omdat de plaatjes anders onscherp worden. Vanaf hun twaalfde jaar kunnen kinderen het meestal wel opbrengen om lang stil te liggen, als de redenen duidelijk worden uitgelegd. Bij jongere kinderen zal de 3D CT-scan echter onder (lichte) narcose in dagbehandeling moeten plaatsvinden.

b) 3D-CT beelden
De CT-gegevens worden bewaard en kunnen naderhand altijd worden opgeroepen voor herbeoordeling. Ook kunnen ze worden gebruikt om een driedimensionale reconstructie te maken. De computer legt hierbij alle CT-coupes precies op elkaar. De computer is vervolgens in staat de afbeeldingen van de schedel in elke gewenste richting te draaien, zodat ook kan worden gekeken naar plaatsen die tot nu toe niet goed te zien waren, zoals bijvoorbeeld de schedelbasis.

Deze reconstructies geven een zeer nauwkeurig en levensecht beeld van afwijkingen aan de schedel, oogkassen, boven- en onderkaak. Ze geven de chirurg de mogelijkheid de afwijkingen beter te zien, de planning voor de operatie te maken en de operatie doelgerichter en met minder kans op complicaties te kunnen verrichten. Aan ouders en patiënt zijn de problemen gemakkelijker uit te leggen aan de hand van deze beelden.

Bij herhalen van de CT-scan na de operatie kunnen de resultaten van de operatie driedimensionaal worden vastgelegd en kan de effectiviteit worden beoordeeld. Met 3D-beelden kunnen ook groei en groeistoornissen nauwkeurig worden gecontroleerd.


c) 3D-modellen
In bijzondere gevallen worden de verkregen CT-gegevens gebruikt voor het maken van een driedimensionaal model op ware grootte. Zo’n model kan dan gebruikt worden om de operatie te plannen en er wordt soms zelfs een proefoperatie op uit gevoerd. De techniek waarmee deze modellen worden gemaakt heet stereolythografie. De nauwkeurigheid is groot en zelfs holten zoals de neus en kaakbijholten worden weergegeven.




d) MRI (Magnetic Resonance Imaging)-onderzoek
Door gebruik te maken van elektromagnetische velden kan ook goed onderzoek van de schedel en het aangezicht worden gedaan, met name bij afwijkingen van de zogenaamde weke delen (huid, spieren, bindweefsel, etc). Deze worden beter in beeld gebracht dan bot. Dit onderzoek wordt vooral uitgevoerd bij mogelijke hersenafwijkingen, encephalocles, bloedvat- en lymphbaanafwijkingen (AV-malformaties) en de ziekte van Von Recklinghausen.

Ook bij dit onderzoek moet gedurende lange tijd worden stilgelegen, waardoor bij jonge kinderen narcose nodig is. Dit wordt bemoeilijkt doordat er in verband met het elektromagnetische krachtveld geen metaal, zoals anaesthesie-apparatuur, in de buurt mag zijn.

Ook van de MRI kunnen 3D-beelden worden gemaakt.

e) 3D fotometrie
Door digitale fotoapparatuur te koppelen aan speciale computers is het mogelijk geworden om verandering van het oppervlak van een hoofd of aangezicht zeer nauwkeurig vast te leggen. Hierdoor kunnen craniofaciale afwijkingen en behandelresultaten beter vastgelegd en beoordeeld worden. Een 3D digitale foto wordt in een fractie van een seconde genomen, wat als voordeel heeft dat de kinderen daarvoor amper stil hoeven te zitten. In tegenstelling tot bovengenoemde methoden van registratie is narcose is dan ook niet nodig. Omdat ook deze vorm van fotografie uiteraard alleen de buitenkant kan vastleggen zullen röntgentechnieken nog steeds nodig blijven om de structuren onder huid weer te geven.