Peesletsel

Peesletsel kan onderdeel zijn van een groter letsel of geïsoleerd voorkomen.

Peesletsel
Peesletsel kan onderdeel zijn van een groter letsel of geïsoleerd voorkomen. Meestal gaat het om een doorsnijding met een mes, zoals een stanleymes. Soms is er ook zenuw- of vaatletsel. Bij een doorsnijding van een pees is er duidelijk functieverlies, wat in de vingers meestal resulteert in een verlies van buigen of strekken.  De buigpeesletsels vereisen in ieder geval behandeling door een handchirurg. In de pols en onderarm kunnen ook pezen doorsneden zijn. Ook hierbij kunnen zenuwen en bloedvaten geraakt zijn.
Bij ziekten als rheuma of bij oude fracturen is er soms sprake van een gesloten peesruptuur . Dit leidt tot hetzelfde functieverlies. De diagnose wordt gesteld op basis van de ongevalgeschiedenis en degelijk lichamelijk onderzoek. Heel soms is een echo of MRI nodig om de diagnose te bevestigen.

Behandeling
Acute letsels worden binnen een week geopereerd. De peesuiteinden worden met speciale hechttechnieken weer aan elkaar gezet. Oudere letsel (ouder dan een aantal weken) worden vaak door middel van een twee-etappe- operatie hersteld, waarbij eerst de peesschede wordt hersteld door middel van een siliconen staaf, en waar in de tweede etappe de continuïteit van de pees wordt hersteld met behulp van een klein peesje uit de onderarm. Na de operatie  wordt een gips aangelegd. Voor buigpeesletsels wordt er een lange draad door de nagel geplaatst van de aangedane vinger(s), om de vinger in buiging te trekken. De vinger kan dan wel worden gestrekt. Daarna duurt het volledige herstel ongeveer 3 maanden. Gedurende deze periode wordt u intensief begeleid door de handtherapeut

Als er sprake is van een acuut letsel zal u door de dienstdoende assistent plastische chirurgie op de spoedeisende hulp van het Erasmus MC worden gezien. Bij oudere letsels kunt u door middel van een verwijzing van de huisarts een poliafspraak maken.

De plastisch chirurgen die zich specifiek met de handchirurgie bezighouden zijn prof. dr. S.E.R. Hovius, dr. H. Coert en dr. E.T. Walbeehm. U zult door een van hen gezien worden. Soms is de poli vol, maar dan wordt u gezien door een van hun assistenten, die uw situatie met de betreffende specialist bespreekt.