Medewerkers
Aan de zorglijn Vroege psychose zijn verschillende medewerkers verbonden. Hieronder vind u informatie over wat de taken en verantwoordelijkheden zijn van de verschillende medewerkers.
Artsen
Wanneer iemand op de zorglijn Vroege psychose wordt opgenomen wordt hij behandeld door één van de drie arts-assistenten. Deze artsen zijn psychiater-in-opleiding en krijgen supervisie van de psychiater.
De arts is verantwoordelijk voor het beleid aangaande de behandeling van de patiënt. Dit beleid zal de arts in ieder geval, in overleg met de patiënt of diens wettelijk vertegenwoordiger, in het behandelingsplan opnemen.
In praktijk komt het er op neer dat de arts:
- bepaalt hoe lang een patiënt (medicatievrij) geobserveerd wordt
- contact legt met familie voor eventuele aanvullende informatie
- eventueel aanvullend medisch onderzoek laat verrichten zoals een MRI-scan, CT-scan, bloedonderzoek, urine-onderzoek, psychologisch onderzoek, enz.
- een voorlopige diagnose stelt
- indien nodig, medicatie voorschrijft
- de patiënt gedurende zijn opname 1 á 2 keer per week spreekt
- regelmatig overleg pleegt met de andere zorgverleners over de voortgang van de behandeling
- uiteindelijk samen met de patiënt en zijn omgeving een beleid uitstippelt dat zich richt op ontslag.
Verpleegkundigen
Aan de zorglijn vroege psychose zijn verpleegkundigen en leerling-verpleegkundigen verbonden. Patiënten hebben tijdens hun verblijf het meeste met hen te maken.
Zoals ook het programma-aanbod op de open en de gesloten groep verschilt, verschillen ook de taken die de verpleegkundigen hebben per groep.
Op de gesloten groep zijn de verpleegkundigen verantwoordelijk voor de dagelijkse gang van zaken op de afdeling; zorgen dat de maaltijden er zijn, medicatie uitdelen en wandelen met de patiënten, zijn allen taken van de verpleegkunde.
Daarnaast zijn zij verantwoordelijk voor de begeleiding van de patiënten. De verpleegkundige krijgt per dienst de verantwoordelijkheid over een aantal patiënten, meestal drie of vier. Op deze manier is het voor de patiënt duidelijk bij wie hij terecht kan wanneer hij vragen heeft. De nadruk op de gesloten groep ligt op het creëren van een rustige en veilige leefomgeving voor patiënten. Begeleiding bij angst en spanning horen hier ook bij. Uiteraard is ook het goed observeren van de patiënt een belangrijke taak, dit in het kader van diagnostiek.
Op de open groep wordt de nadruk gelegd op het resocialisatie-proces. Verpleegkundigen werken nauw samen met de sociaal psychiatrisch verpleegkundigen om zaken als huisvesting, financiën of werk te coördineren. Ook begeleiden de verpleegkundigen de patiënten bijvoorbeeld bij het bereiden van een maaltijd tijdens de wekelijkse kookgroep.
Daarnaast vinden er dagelijks groepsgesprekken plaats die geleid worden door de verpleegkundigen.
Uiteraard zijn ook op de open groep taken als observatie en bewaking van een veilige en rustige leefomgeving van groot belang.
Zowel op de open als op de gesloten groep heeft iedere patiënt twee persoonlijk begeleiders. Ook dit zijn verpleegkundigen. Deze persoonlijk begeleiders zijn verantwoordelijk voor de begeleiding gedurende de opname van de gesloten of de open unit. Zij bewaken de grote lijn van de behandeling van de patiënt. Zij zijn aanwezig bij het opnamegesprek en gaan regelmatig met de patiënt in gesprek over hoe de behandeling verloopt. Daarnaast geven zij indien nodig informatie over het ziektebeeld. Ook begeleiden ze de familie en zijn ze aanwezig bij familiegesprekken.
Voor allerhande vragen met betrekking tot de behandeling kunnen patiënten bij hun persoonlijk begeleider terecht.
De Sociaal Psychiatrisch Verpleegkundigen
De sociaal psychiatrisch verpleegkundigen zijn verantwoordelijk voor de ambulante begeleiding van patiënten die in zorg zijn bij de zorglijn vroege psychose van het Erasmus MC.
De zorglijn Vroege psychose werkt daar waar mogelijk patiëntgericht; een groot deel van de begeleiding van patiënten is dan ook afhankelijk van de hulpvraag. Bij terugkeer in de maatschappij krijgen patiënten hulp en praktische ondersteuning. Deze ondersteuning kan op verschillende terreinen gegeven worden. Voorbeelden zijn:
het vinden of hervatten van werk, opleiding of anderszins zinvolle dagbesteding
het vinden van huisvesting
het op orde stellen van financiële zaken
In de praktijk betekent dat, dat de sociaal psychiatrisch verpleegkundigen bijvoorbeeld ook huisbezoeken afleggen, de patiënt helpen met het invullen van formulieren of contact opnemen met de school waar de patiënt lessen volgt.
Indien een patiënt nog geen sociaal psychiatrisch verpleegkundige van een andere instelling heeft, krijgt hij een sociaal psychiatrisch verpleegkundige van de zorglijn vroege psychose toegewezen. Vaak krijgt iemand tijdens opname een sociaal psychiatrisch verpleegkundige toegewezen, maar het komt ook regelmatig voor dat iemand eerst in contact kwam met één van de sociaal psychiatrisch verpleegkundigen en via hem wordt opgenomen.
Wanneer de patiënt niet (meer) is opgenomen, is de sociaal psychiatrisch verpleegkundige de eerstverantwoordelijke behandelaar voor de patiënt. De gesprekken en praktische ondersteuning vinden plaats op en vanaf de polikliniek. Ook krijgt de patiënt een telefoonnummer van een GSM waarmee hij tijdens kantooruren altijd zijn SPV'er kan bereiken.
Vaktherapeuten
De invulling van dagelijkse activiteiten voor patiënten die opgenomen zijn wordt verzorgd op de afdeling door drie vaktherapeuten. Elk hebben ze hun specifieke aandeel in het programma-aanbod. Hier en daar is sprake van overlap. Eén therapeut verzorgt de creatieve therapie, de tweede verzorgt de activiteitenbegeleiding en de derde biedt vooral sportactiviteiten aan.
Creatieve therapie
Creatieve therapie geeft patiënten de gelegenheid om in een prettige en veilige sfeer zich te concentreren op een bepaalde activiteit. Dit kan het vrij werken zijn met bepaald materiaal (bijvoorbeeld klei, hout of verf) of een omlijnde opdracht (bijvoorbeeld het natekenen van een vaas bloemen).
Creatieve therapie biedt afleiding, maar ook leert iemand meer over zijn eigen mogelijkheden en beperkingen; misschien merkt iemand dat hij het moeilijk vindt om lang aan eenzelfde opdracht te werken. Of iemand leert dat hij het prettig vindt om in een groep mensen samen aan iets te doen.
Activiteitenbegeleiding
Tijdens activiteitenbegeleiding worden verschillende activiteiten ondernomen als samen een spelletje doen, koken / bakken of een lange wandeling maken. De activiteiten gaan niet uit van iemands beperkingen, maar juist van iemands mogelijkheden. Er wordt altijd geprobeerd om een gezellige sfeer te creëren met als doel dat iedereen zich veilig en op zijn gemak voelt in de groep.
Tegelijkertijd leert iemand door het deelnemen aan de verschillende activiteiten een zinvolle invulling te geven aan zijn dag en vrije tijd, voor als iemand weer thuis is.
De meeste activiteiten vinden plaats in groepsverband. De groepsgrootte is afhankelijk van de activiteit. Daarnaast ondernemen vaktherapeuten ook activiteiten met individuele patiënten. Op de gesloten groep zijn dat meestal patiënten die zich niet goed kunnen concentreren wanneer zij in een groep zijn, of simpelweg gebaat zijn bij wat meer individuele aandacht. Op de open groep is er de mogelijkheid om, wanneer een patiënt bijvoorbeeld op zoek is naar een leuke hobby, met één van de vaktherapeuten een sportclub of vereniging te gaan bezoeken.
Sport
Sportactiviteiten zijn bedoeld om patiënten letterlijk en figuurlijk in beweging te brengen. Hierbij valt te denken aan alle mogelijke vormen van sport. De meest bekende zijn: joggen, touwtje springen, voetbal, basketbal, trefbal, badminton, fitnessoefeningen en ontspanningsoefeningen. Al dan niet met muzikale ondersteuning; dit is afhankelijk van de sfeer en stemming.
Paramedische medewerkers
Naast het medisch en verplegend personeel zijn er aan de zorglijn vroege psychose ook een aantal paramedische medewerkers verbonden.
Secretaresses
De afdeling heeft twee secretaresses in dienst; zij verrichten voornamelijk administratieve taken.
Kliniek-assistente
Ook kent de afdeling een kliniek-assistente. Zij is veel op de afdeling aanwezig en ondersteunt het verplegend personeel met allerhande taken als bedden opmaken, koffie zetten en bijvoorbeeld bloed wegbrengen naar het laboratorium. Ook maakt zij geregeld een praatje met de patiënten. Ze werkt voornamelijk op de gesloten unit.
Studenten
Daarnaast werkt er een studententeam mee op de afdeling. De geneeskundestudenten ondersteunen het verplegend personeel in de avonduren en in de weekenden. Zij ondernemen verschillende activiteiten met de patiënten zoals wandelen, sporten of bijvoorbeeld een taart bakken.