... / ... / ... / Zorglijn P3 / Wat bieden wij?

Wat bieden wij?

Poliklinische zorg:
De polikliniek richt zich vooral op het stellen van een diagnose, het geven van advies en uitleg, (kortdurende) behandeling en eventueel een gerichte doorverwijzing. Op de polikliniek werken artsen (arts in opleiding tot psychiater, psychiater), psychologen, een sociaal psychiatrisch verpleegkundige en secretaresses. Vanuit de polikliniek kan samengewerkt worden met andere medisch specialisten in het Erasmus MC.
Als er sprake is van psychiatrische problematiek rondom de zwangerschap kan zo nodig in overleg met de afdeling Gynaecologie van het Erasmus MC een klinisch kraambed op psychiatrische gronden afgesproken worden. Hierdoor kan poliklinische begeleiding van de vrouw in het kraambed worden voortgezet. Na verwijzing naar de polikliniek volgt een intakegesprek van maximaal 2,5 uur. Er wordt diagnostiek verricht en er wordt ingegaan op de specifieke hulpvraag. Indien nodig wordt aanvullend (bloed)onderzoek aangevraagd of wordt er een vervolgafspraak gemaakt. De intakeprocedure wordt afgesloten met een adviesgesprek waarin het behandelplan wordt besproken of een gerichte doorverwijzing volgt.


Dagbehandeling voor vrouwen met zwangerschapsgerelateerde psychiatrische klachten:
Er worden twee dagbehandelingen aangeboden. Een voor zwangere vrouwen en een voor moeders met hun kind tot de leeftijd van maximaal 1 jaar. Van deelnemers aan de dagbehandelingen wordt verwacht dat zij er elke week zijn. In de vakanties loopt de dagbehandeling gewoon door; alleen op feestdagen is er geen dagbehandeling. Onder leiding van een team van gespecialiseerde verpleegkundigen, vaktherapeuten, een psycholoog en psychiater worden verschillende therapieonderdelen gegeven, die elke week volgens een vast schema verlopen. Koffie, thee en lunch worden vanuit de dagbehandeling verzorgd.

De dagbehandeling voor zwangere vrouwen heeft als doel de komende bevalling en het aanstaand moederschap met minder psychische klachten en meer vertrouwen tegemoet te kunnen treden. De dagbehandeling wordt gevolgd in een groep van maximaal 8 vrouwen die ook psychiatrische problemen hebben en zwanger zijn. Deelname loopt tot de 8e maand van de zwangerschap en daarna vervolgens zolang als men het volhoudt om te komen. De dagbehandeling vindt elke week plaats op donderdag van 09.45 uur tot 15.45 uur. Ongeveer 6 weken na de bevalling worden deelnemers, samen met hun kindje en eventueel hun partner uitgenodigd voor een gesprek om te vertellen hoe het gaat. Indien gewenst kunnen deelnemers meedoen aan een terugkomdag.

De dagbehandeling voor moeder en kind heeft als doel het verminderen van psychische klachten en het vergroten van het vertrouwen in het moederschap en de band met het kind. De dagbehandeling wordt gevolgd in een groep van maximaal 4 vrouwen en hun baby. De baby’s zijn niet ouder dan 1 jaar. De dagbehandeling vindt elke week plaats op maandag van 09.45 uur tot 15.45 uur. In totaal duurt de dagbehandeling 3 maanden. Er is tijdens de dagbehandeling voldoende tijd voor de verzorging van de baby. Deelnemers dienen hiervoor zelf alles mee te nemen (denk aan bijvoorbeeld luiers, schone kleertjes, voeding). Na de lunch rusten de baby’s in een hiervoor met babybedjes ingerichte, aparte kamer. De moeders gaan dan door met het volgen van therapie. Maandelijks wordt met de deelnemer de voortgang van de behandeling geëvalueerd. Na drie maanden wordt met de deelnemer overlegd of het nodig is om in een vervolgbehandeling te gaan en hoe en waar dit het beste zou kunnen plaatsvinden. Ongeveer 6 weken na het stoppen van de dagbehandeling worden vrouwen, samen met hun kindje en eventueel hun partner uitgenodigd voor een gesprek om te vertellen hoe het gaat.


Kliniek:
Op de klinische afdeling worden mensen met uiteenlopende problematiek opgenomen. De afdeling bestaat uit een gesloten en een open kant (unit). Over het algemeen wordt op de gesloten kant meer intensieve zorg geboden en is de open unit meer gericht op het toewerken naar huis. Op zowel de open als gesloten unit zijn 1- en 2-persoonskamers. Veelal moet de kamer dus gedeeld worden met iemand anders.
Bij de opname is een behandelteam betrokken dat bestaat uit verpleegkundigen, artsen (arts in opleiding tot psychiater, psychiater), therapeuten (activiteitenbegeleider, creatief therapeut, bewegingstherapeut), secretaresses en een kliniek-assistente.
Tijdens opname wordt een individueel behandelprogramma afgesproken. Een onderdeel van het behandelprogramma is gesprekken met de arts. Dit kan individueel zijn of samen met een nauw betrokkene, bijvoorbeeld een partner. Meestal is ook het gebruik van medicijnen een belangrijk onderdeel van de behandeling. Ook wordt lichamelijk onderzoek en bloedonderzoek verricht. Er kan worden besloten om een medisch specialist uit een ander vakgebied te vragen mee te denken over het onderzoek en de behandeling van eventuele lichamelijke klachten. Tenslotte kan besloten worden om een of meerdere gesprekken te plannen met een maatschappelijk werkende, als er bijvoorbeeld problemen zijn met financiën of huisvesting,
Naast bovengenoemde onderdelen van het behandelprogramma zijn er ook groeps- en individuele therapieën door de creatief- en dans-/bewegingstherapeuten. Niet het praten maar het doen staat hierbij op de voorgrond. Bij creatieve therapie staat werken met beeldende middelen (zoals klei, verf, hout) centraal. Bij dans- en bewegingstherapie wordt vooral gewerkt met beweging, dans en spel. Tenslotte is er activiteitenbegeleiding. Doel van dit onderdeel is activering. De activiteitenbegeleider doet dit door middel van bijvoorbeeld spel, sport of activiteiten die in het verlengde van creatieve- en bewegingstherapie liggen.


Opname van moeder en kind:
Moeders met psychiatrische klachten na de bevalling kunnen op de afdeling samen met hun baby worden opgenomen. Er vindt behandeling plaats van de psychiatrische problematiek van de moeder. Daarnaast worden er specifieke therapieën aangeboden met als doel de kwaliteit van de relatie tussen moeder en kind te verbeteren.
Tijdens opname verblijven moeders op de gesloten of open unit van de kliniek, waar dus ook mensen zijn opgenomen met heel andere psychiatrische problematiek.
De baby’s verblijven tijdens de opname niet bij moeder op de kamer, maar in een speciaal hiervoor ingerichte en afgesloten ruimte. Deze ruimte wordt de babykamer genoemd en is gelegen tussen de gesloten en open unit. Op de babykamer zijn vaste babykamerverpleegkundigen aanwezig die de moeder (en haar partner) begeleiden bij de psychiatrische problematiek en bij het verzorgen van de baby. Afhankelijk van hoe het met de moeder gaat doet zij de verzorging zelf of wordt dit (deels) door de babykamerverpleegkundige overgenomen. ’s Avonds vindt begeleiding plaats door een medisch student. De partner kan overdag een deel van de verzorging op zich nemen. Ook is er een dagelijks “vaderuurtje” van 18.30-19.30 uur, waarin de moeder en haar partner samen de baby verzorgen.
Er kunnen maximaal vijf baby’s op de babykamer verblijven. Baby’s kunnen niet samen met hun moeder worden opgenomen als zij een ernstige lichamelijke aandoening hebben of als zij ouder zijn dan zes maanden. Gedurende de opname zullen controles en vaccinaties van de baby bij het eigen consultatiebureau blijven plaatsvinden.
Voor de baby dient bij opname kleding, een haarborstel –of kammetje, een nagelvijltje en –schaartje, een wandelwagen, flesjes en een fopspeen meegenomen te worden. Overige zaken die nodig zijn voor de verzorging worden door de afdeling verstrekt.
Op de klinische afdeling vindt onderzoek plaats op het gebied van postpartum psychose en depressie (“postpartum” betekent na de bevalling). Onderzocht worden de biologische achtergronden van de postpartum psychose en depressie en de relatie tussen moeder en kind bij moeders met een psychiatrische aandoening. In het kader van onderzoek worden moeders die met hun kind opgenomen zijn geweest op de klinische afdeling uitgenodigd voor poliklinische vervolgafspraken.