target menu
 

Wat zijn de onderzoeken?

Onderzoeken Radiologie & Nucleaire Geneeskunde

Op de afdeling Radiologie & Nucleaire geneeskunde worden verschillende technieken gebruikt om de inwendige mens af te beelden. De apparaten die de verschillende technieken gebruiken worden ook modaliteiten genoemd.

Al onze modaliteiten zijn digitaal en de gemaakte foto’s, inclusief het verslag van de radioloog en nucleaire geneeskundige kunnen, in heel het ziekenhuis, via het PACS archief (Picture Archiving and Communication System) op een PC bekeken worden.

Op de PACS - servers worden alle foto's opgeslagen en kunnen de foto's door uw behandelend arts worden opgevraagd. In sommige gevallen krijgt uw huisarts het verslag van uw onderzoek ook via de computer.

Om u een globaal idee te geven hoe de verschillende technieken werken, hebben wij voor u een kort overzicht gemaakt. Hier volgt het overzicht van de verschillende medisch beeldvormende modaliteiten.

Röntgenfoto en Röntgendoorlichting

Uiterlijk
Dit is de bekende röntgenbuis waarmee de “standaard” röntgenfoto wordt gemaakt. De röntgenbuis zit vast aan een statief. Deze statieven hangen meestal aan een geleiderails aan het plafond. Hiermee kan de röntgenbuis goed gepositioneerd worden voor staande opnames en of voor liggende opnames.
rontgenfoto

Werkingsprincipe
Röntgenfoto’s kunnen gemaakt worden door het feit dat elk weefseltype en orgaan röntgenstraling in meer of mindere mate tegenhoudt. Zachte weefsels houden weinig röntgenstraling tegen en bot houdt veel röntgenstraling tegen. Hierdoor ontstaan contrastverschillen die je op een röntgenfoto kunt zien.

Techniek röntgenfoto
De standaard röntgenfoto wordt op twee manieren gemaakt. Direct via flatpaneldetectoren, we krijgen de röntgenfoto dan gelijk te zien op een beeldscherm of indirect met röntgengevoelige cassettes, die later uitgelezen worden met behulp van een uitleessysteem.

Techniek röntgendoorlichting
Bij röntgendoorlichting wordt de röntgenfilm vervangen door een speciale videocamera die gevoelig is voor röntgenstraling.

Resultaat röntgenfoto
Als resultaat krijgen we digitale röntgenfoto’s.

rontgenfoto

Een normale röntgenfoto. Dit is een zijdelingse opname van de (7) nekwervels.

Resultaat röntgendoorlichting
Bij röntgendoorlichting worden zowel foto’s (zie het bovestaande plaatje) gemaakt, als bewegende beelden verkregen.

Computer Tomografie (CT)

Uiterlijk
Een CT-scanner is een apparaat waarin de röntgenbuis rond de patiënt draait. Dit ziet de patiënt niet omdat de röntgenbuis is weggewerkt achter een omhulsel.  Het omhulsel heeft de vorm van een (vierkante) donut. Een tafel met daarop de patiënt schuift door het gat in het omhulsel (donut).

CT

De CT-scanner. Naast de CT-scanner staat een speciale contrastmiddelpomp. Indien nodig kunnen wij u via de pomp contrastmiddel toedienen. Er is ook een extra beeldscherm zodat wij, indien noodzakelijk, in de CT-scanruimte de beelden kunnen bekijken.

Werkingsprincipe

Doordat verschillende weefsels in meer of minder mate de röntgenstralen verzwakken ontstaan contrastverschillen tussen de weefsels. Van deze eigenschap wordt gebruik gemaakt voor het berekenen van plaatjes (dwarsdoorsneden).

Techniek
De CT-scan meet op zeer veel verschillende plaatsen om het lichaam de totale verzwakking van de röntgenbundel. Door middel van ingewikkelde wiskundige berekeningen kan de CT-scan, met behulp van de gemeten totale verzwakking, bepalen hoeveel de bundel op een bepaalde plaats in het lichaam is verzwakt. De verschillen in verzwakking zorgen voor contrastverschillen. Door de contrastverschillen zal het ene weefsel zich met een andere kleur of grijstint afbeelden als het andere weefsel. Zo ontstaat er een dwarsdoorsnede van het menselijk lichaam. De dwarsdoorsneden kunnen heel dun zijn, bijvoorbeeld 0,5 millimeter.

Tegenwoordig zijn CT-scanners zo snel dat ze ook opnames van het hart kunnen maken. Bij oudere type CT-scanners kan dit niet vanwege bewegingsonscherpte.

Resultaat
De CT-scan maakt (plakjes) dwarsdoorsneden van het lichaam. Door alle plakjes in de computer op volgorde achter elkaar te zetten, kan de computer tegenwoordig ook 3 dimensionale afbeeldingen maken.

  CT 3D
CT-scan foto. 3 dimensionale plaatsjes van de benen en voeten.

Magnetic Resonance Imaging (MRI)

Uiterlijk
De MRI-scanner is een zeer grote magneet. Met behulp van een tafel wordt de patiënt naar het midden van het magneetveld geschoven.
De magneten zijn zeer krachtig. Loopt u met electronisch apparatuur of bankpassen langs de MRI dan worden onherstelbaar beschadigd. We drukken de sterkte van de magneet uit in ‘Tesla’. Onze magneten zijn minimaal 1,5 Tesla. 1,5 Tesla is 30.000 keer de kracht van het aardmagnetisch veld. 

MRI
De MRI-scanner.  

Werkingsprincipe & Techniek
De mens bestaat voor het grootste gedeelte uit water. Water bevat waterstofatomen. Waterstofatomen richten zich als kompasnaaldjes naar het 'magnetisch noorden' van het magneetveld van de MRI scanner. Door gebruik te maken van speciale radiogolven kunnen we tijdelijk het waterstofatoom (lees kompasnaaldje) een andere kant op laten wijzen.  Als de radiogolven ophouden, dan zullen de waterstofatomen weer naar het magnetisch noorden gaan wijzen. Terwijl de waterstofatomen terugdraaien naar het magnetisch noorden, zenden zij een radiosignaal uit. De MRI scanner kan deze radiosignalen opvangen met een speciale antenne en van de radiodsignalen een plaatje maken. Afhankelijk van het type weefsel ontvangt de MRI scanner een specifiek signaal. Op deze manier kan de MRI scanner een dwarsdoorsnede (plakje) maken van het menselijk lichaam.


Resultaat
Digitale dwarsdoorsneden van het lichaam. Door alle plakjes door de computer op volgorde achter elkaar te zetten, kan de computer tegenwoordig ook 3 dimensionale afbeeldingen maken.

MRI opname
Een MRI opname. Dit is een MRI opname van de bovenbuik.

Echografie

Uiterlijk
Het echografieapparaat is een grote verrijdbare computer met een speciaal beeldscherm. Een toetsenbord met veel verschillende bedieningsknoppen is nodig om het apparaat te bedienen. Aan het apparaat zijn verschillende kabels aangesloten, met daaraan een echokop (transducer). Deze echokop kan zowel ultrasone geluiden versturen als beluisteren.

  Echo
Het echo-apparaat.

Werkingsprincipe
Echografie maakt beelden door middel van geluidsgolven. Deze geluidsgolven zijn niet te horen vanwege de zeer hoge frequentie.  De geluidsgolven worden het lichaam ingestuurd, met een zeer hoge snelheid. De snelheid bedraagt 1540 meter per seconde (5544 kilometer per uur). Het geluid wordt door de verschillende weefsels in meer of mindere mate weerkaatst, zo ontstaan contrastverschillen. De echokop vangt het weerkaatste geluid (de echo) weer op en stuurt dit naar de computer. Afhankelijk van de snelheid waarmee het geluid is teruggekomen bij de echokop en de hoeveelheid geluid die terugkomt van een bepaalde plaats in het lichaam wordt een beeldje gemaakt.

Techniek
Met behulp van echo-apparatuur kunnen veel verschillende weefsels worden bekeken. Ook kan de wijze waarop bloed door een slagader of ader stroomt bestudeert worden. Organen die lucht (bijvoorbeeld de longen) bevatten zijn niet of niet goed af te beelden met echografie. Dit komt omdat lucht geluid veel slechter geleid dan water. Onze weefsels bestaan voor het grootste gedeelte uit water.


Resultaat
Digitale filmpjes en foto’s .


 

Nucleaire geneeskunde

Radioactiviteit en straling

Straling is overal om ons heen: in de bodem, in muren van woningen, in ons voedsel en in het lichaam zelf. Dit heet natuurlijke straling. Daarnaast is er kunstmatige straling die voor uiteenlopende toepassingen gebruikt wordt. Een bekend voorbeeld is röntgenstraling voor het maken van röntgenfoto's. In grote hoeveelheden kan straling schadelijk zijn. De hoeveelheid die u krijgt toegediend op onze afdeling is echter zo laag, dat de kans op schadelijke gevolgen voor u verwaarloosbaar is. De stralingsdosis is te vergelijken met de dosis die u krijgt bij een röntgenonderzoek. De toegediende stof heeft geen bijwerkingen.

Zwangerschap en borstvoeding

Ongeboren baby's zijn veel gevoeliger voor radioactieve straling dan volwassenen. Wanneer u zwanger bent of denkt te zijn of borstvoeding geeft, meldt u dit dan aan uw arts en aan de laborant vóórdat u de injectie krijgt. Na overleg met uw arts wordt besloten om, in het belang van het kind, de hoeveelheid radioactiviteit aan te passen, of het onderzoek uit te stellen tot na de zwangerschap. Sommige radioactieve stoffen komen in de moedermelk terecht. Als u borstvoeding geeft, zullen wij u vertellen of het nodig is om tijdelijk de borstvoeding af te kolven.

Eten en drinken

Voor de meeste onderzoeken kunt u gewoon eten wat u gewend bent. Wij raden u aan om na de injectie wat extra te drinken; ongeveer een ½ liter in de eerste uren na de injectie. Wanneer u nuchter moet komen of een dieet moet volgen staat dit uitdrukkelijk bij het betreffende onderzoek in de lijst verschillende onderzoeken, vermeld. U kunt eventueel iets te eten meenemen voor in de wachttijd of voor na het onderzoek.

Hebt u suikerziekte en moet u nuchter komen, overleg dan met uw diabetesverpleegkundige of huisarts of bel de afdeling nucleaire geneeskunde.

Het onderzoek

Een onderzoek op onze afdeling bestaat bijna altijd uit de volgende drie delen. De botmeting of DEXA-scan is hierop een uitzondering.

1.             De toediening van een radioactieve stof

Dit gebeurt meestal door middel van een injectie in een bloedvat in de arm, soms op een andere plaats in het lichaam. Het kan ook gebeuren dat u iets te eten of te drinken  krijgt. De radioactieve stof heeft geen bijwerkingen en van de toediening merkt u vrijwel niets.

2.             De wachttijd

Hierna volgt vaak een wachttijd waarin de toegediende stof zich in het lichaam kan verdelen. Afhankelijk van het onderzoek kan deze wachttijd uiteenlopen van enkele minuten tot enkele dagen. Soms worden tijdens de toediening al foto's gemaakt.

Over het algemeen kunt u zelf bepalen waar u de wachttijd doorbrengt.

De radioactieve stof die u wordt toegediend, verdwijnt deels door radioactief verval (het vanzelf uitdoven van de straling) en deels via de urine of de ontlasting. De uitscheiding via de urine kunt u versnellen door extra te drinken en te plassen. Daarmee kunt u al meteen na de toediening beginnen, óók wanneer de foto's nog niet zijn gemaakt.

3.             Het maken van de foto's

Zorgt u ervoor dat u bij het begin van het onderzoek geplast heeft. Tijdens de meeste onderzoeken kunt u uw kleding gewoon aanhouden. Het is wel noodzakelijk om metalen voorwerpen, zoals portemonnee, sleutels, broekriem, gespen en sieraden, van/uit de kleding te verwijderen. Bij de camera’s is het meestal koel. Het kan prettig zijn een trui of sokken bij u te hebben.

Bij het maken van de foto's ligt u op een smal bed, terwijl een speciale camera dicht bij het lichaam geplaatst wordt. Deze gammacamera zendt geen straling uit. De camera kan op verschillende manieren gebruikt worden: bij veel onderzoeken staat de camera stil. Bij andere onderzoeken beweegt de camera vlak boven het lichaam, of in een cirkel om het lichaam heen. De tijd per foto varieert van ongeveer 5 minuten tot 45 minuten.

Het is erg belangrijk dat u tijdens het maken van de foto's goed stil ligt!

Tijdens langdurige onderzoeken is het vaak mogelijk om naar televisie (video of DVD) te kijken. Er zijn enkele videobanden en DVD’s aanwezig maar u kunt ook zelf een band of  DVD meebrengen. U kunt ook naar uw eigen muziek luisteren via een koptelefoon. U dient de benodigde geluidsapparatuur zelf mee te brengen.

Onderzoek bij kinderen

Omdat baby's en kinderen gevoeliger zijn voor radioactieve straling, wordt bij hen een kleinere hoeveelheid radioactief materiaal gebruikt dan bij volwassenen. Die hoeveelheid is afhankelijk van de leeftijd en het gewicht van het kind.

Het is erg belangrijk dat het kind tijdens het onderzoek goed stil ligt. Wij hebben op onze afdeling een aantal hulpmiddelen die het kind daarbij helpen. Verder kan het zinvol zijn om zelf iets mee te brengen dat het kind kan afleiden. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een voorleesboek, knuffel, favoriete videoband, DVD of mp3-speler. Televisie met video/DVD en enkele videobanden en DVD's zijn op de afdeling aanwezig. Tijdens het onderzoek kunnen twee ouders of begeleiders bij het kind blijven, tenzij de ruimte te klein is of situatie het niet toelaat.

Opvang broertjes en zusjes

Het Ronald McDonald Speeldek biedt dagopvang aan broertjes of zusjes van kinderen die worden behandeld in het Erasmus MC-Sophia. Meer informatie vindt u op de website van het Ronald McDonald Huis.

Eigendommen

Het ziekenhuis is een openbaar gebouw. Daarom adviseren wij u, uw eigendommen niet onbeheerd achter te laten en eventuele kostbaarheden thuis te laten.

 

PET-CT

Hieronder leest u meer informatie over de PET-CT scan. LET OP: Dit is algemene informatie, de patiënt krijgt altijd een brief met de voorbereiding die specifiek voor hem/haar is.

 

Waarom een PET-CT scan?

Een PET-CT scan geeft informatie over de vorm en functie van de te onderzoeken organen en weefsels. Er wordt een radioactieve vloeistof toegediend, waarmee kan worden vastgesteld of er afwijkingen zijn en wat de eventuele omvang daarvan is.

 

Een PET-CT scan bestaat uit 2 delen. Als eerste wordt er een CT-scan gemaakt met een lage dosis, dit duurt enkele minuten. Daarna wordt de PET-scan gemaakt, dit duurt ongeveer een half uur tot een uur. Dit is afhankelijk van de lengte en gewicht van de patiënt en wat er gescand moet worden. Na afloop worden beide scans over elkaar heen gelegd. Hiervoor is het belangrijk dat de patiënt de gehele scantijd goed stil te blijft liggen.

Hieronder ziet u een foto van de scanruimte. De CT zit voorin het apparaat en de PET achterin.

PETCT-scanner

Er kunnen verschillende radioactieve stoffen gebruikt worden op de PET-CT. Afhankelijk van welke radioactieve vloeistof gebruikt wordt geldt een andere voorbereiding.

(nog te doen: 2 links)

Het onderzoek

Als eerste wordt het gewicht en de lengte gemeten, er worden een paar standaard vragen gesteld en eventueel wordt de glucosewaarde bepaald. Via een infuus wordt er een kleine hoeveelheid radioactieve vloeistof toegediend. Hiervan zijn geen schadelijke bijwerkingen. De toediening duurt afhankelijk van welke radioactieve stof er gebruikt word 5-15 minuten.

PETCT rustruimte

PETCT toedienruimte

 

Hierboven zijn de rustruimte en de toedienruimte te zien.

Na de toediening gaat de patiënt naar een warme rustruimte. De radioactieve vloeistof moet een uur inwerken.

Bij een PET-scan met FDG moet de patiënt in de rustruimte stilliggen. Ook mag de patiënt niet praten, lezen of muziek luisteren. Het is belangrijk dat de patiënt goed ontspant en het niet koud heeft, omdat de vloeistof anders ook in de spieren gaat zitten en dit nadelig is voor de scan.

Bij een PET-scan met Gallium mag de patiënt wel bewegen in de rustruimte en dus een boek lezen of muziek luisteren.

 

Voordat de scan wordt gemaakt, moet de patiënt nog even goed uitplassen, zodat de blaas goed leeg is. Het is erg belangrijk dat de patiënt goed stil ligt tijdens de scan. De scan duurt ongeveer 40-60 minuten.

 

Duur van het onderzoek

Het onderzoek duurt in totaal 2-3uur

Wanneer er bij de patiënt een PET-CT scan van de hersenen gemaakt wordt dan duurt het onderzoek maximaal 2 uur.

De radioactieve stof die voor het onderzoek gebruikt wordt, is zeer kort houdbaar en wordt speciaal voor de patiënt bereid. Als de patiënt te laat is, kan het onderzoek mogelijk niet doorgaan!

 

Diagnostische CT scan i.c.m. PET-CT

Het kan zijn dat de PET-CT gecombineerd wordt met een extra CT-scan met contrastmiddel. Dit contrastmiddel wordt via het infuus toegediend. Van deze vloeistof kan de patiënt het even heel warm krijgen en/of het gevoel krijgen alsof er in de broek wordt geplast. Dit is normaal en trekt snel weer weg.

 

Een diagnostische CT dient apart aangevraagd te worden via Elpado op de gewone manier bij Radiologie Bij gevraagd onderzoek kunt u CT i.c.m. PET aanklikken. Dan wordt de CT na de PET gemaakt en niet op de afdeling Radiologie.

 

Let op: Wanneer de patiënt allergisch is voor jodiumhoudend contrastmiddel, is het belangrijk dit op de aanvraag te melden.  Verder dienen hiervoor de bekende voorzorgsmaatregelen genomen te worden.

 

Zwangerschap en borstvoeding

Wanneer de patiënt zwanger is of denkt te zijn, moet dit gemeld worden, het onderzoek wordt mogelijk uitgesteld.

Wanneer de patiënt borstvoeding geeft, moet de patiënt de eerste 24 uur na toediening van de vloeistof, de moedermelk afkolven en wegspoelen door de toilet.

 

Locatie

De afdeling bevindt zich op de Centrumlocatie bouwdeel Cb3, op de derde etage.

Volg de aanwijzingen naar gebouwdeel Ca en ga vandaar naar de 3e verdieping. Hier kunt u de borden volgen met de aanduiding:Nucleaire Geneeskunde, PET-CT. 

 

Aanvullende informatie over PET-CT

Positronemissietomografie (PET) is een beeldvormende techniek waarbij een radioactieve stof (een radiofarmacon) wordt toegediend aan een patiënt. De techniek is bekend sinds 1950 en wordt voor medische toepassingen gebruikt sinds 1970. De PET-scan wordt tegenwoordig gecombineerd met een CT-scan, de PET-scan geeft verhoogde opname ter plaatse van de afwijking en de CT-scan maakt het mogelijk deze plaats te lokaliseren aan de structuren in het lichaam. De CT-scan, die gebruikt wordt in combinatie met de PET-scan, is een low-dose CT en de kwaliteit is niet vergelijkbaar met een diagnostische CT. Ook wordt bij een low dose CT geen contrast toegediend. Het is wel mogelijk om op aanvraag van de arts, aansluitend aan de PET-CT scan een diagnostische CT uit te voeren.

Het radiofarmacon is de radioactieve stof, die de patiënt via een injectie krijgt toegediend. Het radiofarmacon is een koppeling van een radionuclide aan meestal een eiwit. Afhankelijk van het gebruikte radiofarmacon wordt het functioneren van een bepaald weefsel in beeld gebracht. In de meerderheid van de gevallen wordt hiervoor het radiofarmacon 18F-FDG (Fluorodeoxyglucose) gebruikt. Dit is radioactief glucose(suiker), waardoor het mogelijk is om ‘ziek weefsel’ (tumoren of ontstekingen) af te beelden. Het zieke weefsel neemt meer glucose op uit het bloed en dit wordt afgebeeld als een extra donkere plek (hotspot) op de scan. Een ander radiofarmacon wat gebruikt wordt is 68Ga-Dotataat. Dit radiofarmacon kan gebruikt worden bij het opsporen van neuro-endocriene tumoren.

De toepassing van PET is afhankelijk van het proces en/of weefsel dat zichtbaar gemaakt moet worden. Zo wordt PET onder meer toegepast: 1. Om tumoren op te sporen, 2. bij hart- en vaatziekten, 3. bij uiteenlopende hersenziekten (bv. de ziekte van Alzheimer, de ziekte van Parkinson of andere bewegingsstoornissen) 4. Bij ontstekingsprocessen.

Patiënten krijgen het radiofarmacon toegediend via een injectie. Er volgt dan een wachttijd omdat het radiofarmacon zich over het lichaam moet verdelen en door het weefsel moet worden opgenomen. In de meeste gevallen wordt na 1 uur de PET-scan gemaakt. De duur van de PET-scan is afhankelijk van het gebied dat gescand moet worden en van andere factoren zoals lengte en gewicht van de patiënt.