target menu
... / ... / ... / ... / 2018-05 / Nieuw bewijs bijziendheid
 

Nieuw bewijs bijziendheid

De grootste genetische studie naar bijziendheid ter wereld is gepubliceerd in het toonaangevende vakblad Nature Genetics.

brilGenetisch
Onder leiding van het Erasmus MC identificeerden de onderzoekers 161 genetische factoren voor brilsterkten en bijziendheid. De gevonden factoren spelen een rol in alle celtypen van het netvlies en vervullen verschillende functies binnen het oog.

Aanjager
De voornaamste factor was de detectie en verwerking van licht. Hiermee wordt moleculair bevestigd wat eerder uit epidemiologische studies naar voren kwam: licht, of juist het gebrek eraan, is een belangrijke aanjager voor het ontstaan van bijziendheid.

Oogbol
Iemand die bijziend is, heeft een te lange oogbol. Hierdoor valt het brandpunt van de lichtstralen die het oog in schijnen vóór het netvlies, in plaats van erop. Daardoor kan iemand in de verte niet meer goed zien. Een bril, lenzen of chirurgische ingreep kunnen dit voor het zicht verhelpen, maar deze middelen voorkomen niet dat het netvlies dunner wordt.

20-jarigen
Bijziendheid is in de laatste jaren fors toegenomen. Niet alleen in Azië, ook in Europa is deze trend duidelijk zichtbaar: 50 procent van de huidige 20-jarigen is nu bijziend. Eerste auteur en wetenschappelijk onderzoeker Milly Tedja: “Het is vooral zorgelijk voor mensen met hoge brilsterkten, omdat juist zij een groot risico hebben op oogheelkundige complicaties. Wij verwachten dat bijziendheid in de toekomst de belangrijkste oorzaak van blindheid wordt.”

Invloed licht
Onderzoeksleider, epidemioloog en oogarts prof. Caroline Klaver is opgetogen over de vinding: “Dit onderzoek levert genetisch bewijs dat lichtverwerking in het oog belangrijk is voor bijziendheid. Licht heeft invloed op de manier waarop de binnenste laag van het oog communiceert met de buitenste laag om het oog te laten groeien op de kinderleeftijd."

Naar buiten
Klaver: "Bevolkingsonderzoek Generation R liet al eerder zien dat bijziende kinderen minder lang buiten spelen. Daarom adviseren wij ouders om kinderen het dichtbijwerk af te laten wisselen met tenminste twee uur per dag buiten zijn.”

Zie ook het persbericht.

gepubliceerd: 30 mei 2018.

Deel deze pagina: