target menu
... / ... / Studiekiezers / Opleiding in vogelvlucht
 

Opleiding in vogelvlucht


Bachelor
Thematisch onderwijs
Lijnonderwijs
Praktijkstages
Vrije keuzeruimte

Master
Thematisch onderwijs
Lijnonderwijs
Verplichte coschappen
Keuze- en oudste coschappen
Keuzeonderzoek

 

Bachelor Geneeskunde


De bachelor duurt drie jaar en bestaat uit drie soorten onderwijs: themaonderwijs, lijnonderwijs en keuzeonderwijs.

Thematisch onderwijs
De eerste hoofdlijn is het geïntegreerde thematisch onderwijs, waarin je als student, op het niveau van de eindtermen van de bachelor de stappen leert 'van oorzaak/pathofysiologie naar klacht, van klacht naar ziekte/ziektebeeld en van ziekte/ziektebeeld naar behandeling/preventie'. Het thematisch onderwijs heeft vooral een medische invalshoek, maar ook de academische vorming is erin opgenomen. In het programma academische vorming leer je als student over de grenzen van het eigen vakgebied heen te kijken.

Terug naar boven

 
Lijnonderwijs
Het lijnonderwijs wordt parallel aan de thema's gegeven. Er zijn vier lijnen:

  • Consultvoering waarin de nadruk ligt op het omgaan met patiënten: het afnemen van anamnese, het doen van lichamelijk onderzoek en het klinisch redeneren om tot een diagnose te komen.
  • Academische vorming waarin de nadruk ligt op het aanleren van academische en wetenschappelijke vaardigheden, zoals het bestuderen van literatuur en het doen van onderzoek.
  • Professionele ontwikkeling waarin de nadruk ligt op het toekomstig functioneren als arts.
  • Samenwerken waarin je voorbereid wordt op een optimale samenwerking met collega’s in de zorg voor patiënten.


Terug naar boven

 
Praktijkstages
In het eerste jaar van je studie krijg je de mogelijkheid om deel te nemen aan 'Kennismaking met de beroepspraktijk": je loopt een aantal dagen mee met een arts of onderzoeker in een ziekenhuis, laboratorium of huisartsenpraktijk. Je kunt gedurende 4 maanden een dag per maand meelopen. Je regelt zelf het ziekenhuis of praktijk waar je graag eens zou willen meelopen. Na elke meeloopdag bespreek je je ervaringen kort na in een groepje van ca. 6 studenten en een docent. Zo hoor je ook de ervaringen van andere eerstejaars studenten. Het is een vrijwillig onderdeel van je studie; als je dit afmaakt ontvang je een certificaat.
In de bachelor zijn verder 2 stages gepland:

  • In het eerste jaar is er de beroepsoriëntatiestage, waarin je als student 3 dagen meeloopt op een klinische afdeling of in een huisartsenpraktijk. De doelstelling van de beroepsoriëntatiestage is dat je als student een beeld krijgt van de latere beroepspraktijk.
  • In het tweede jaar is er de zorgstage van 2 weken. Tijdens de zorgstage werkt de student mee met de verpleegkundigen op een klinische afdeling of in een verpleeghuis. De doelstellingen van de zorgstage is inzicht krijgen in het werk van de verpleegkundigen en verzorgende, het leren samenwerken in een team en het kennismaken met de patiënt.


Terug naar boven

 
Vrije keuzeruimte
Op twee momenten in de bachelor kunnen studenten zelf invulling geven aan hun programma:

  • In het tweede jaar is er gedurende 4 weken keuzeonderwijs. waarbij studenten kunnen kiezen uit een groot aantal thema's, die een breed spectrum van de geneeskunde en ook daarbuiten beslaan.
  • In het begin van het derde jaar is er een minor van 10 weken. De minor wordt EUR-breed georganiseerd. Dit betekent dat studenten ook kunnen kiezen voor een minor bij een andere faculteit (of zelfs voor een minor in het buitenland). Omgekeerd kunnen studenten van andere faculteiten kiezen voor een minor bij het Erasmus MC. Studenten kunnen kiezen voor een verdiepende of een verbredende minor. Een verdiepende minor betreft een medisch onderwerp, een verbredende minor betreft een ander vakgebied.


Terug naar boven


Master Geneeskunde


Ook de master duurt drie jaar. de opleiding bestaat uit de volgende onderdelen: themaonderwijs, onderzoek en coschappen.

Thematisch onderwijs en coschappen
De masterfase bestaat uit steeds een aantal weken thematisch onderwijs, gevolgd door een aantal weken coschappen. Het thematisch onderwijs is gericht op het aanleren van kennis en vaardigheden die voor de desbetreffende coschappen relevant zijn. Een deel van het onderwijs wordt voorbereid met behulp van e-learning modules.

Terug naar boven


Lijnonderwijs
Het lijnonderwijs wordt parallel aan de thema's en de coschappen gegeven. Tijdens de masterfase zijn er vijf lijnen:

  • PKV-MT, waarin je als student leert om lichamelijk onderzoek te doen.
  • PKV-CA, waarin je als student communicatievaardigheden leert, inclusief een professionele houding; ook leren samenwerken behoort tot het CA-onderwijs.
  • MPO, waarin je als student leert om klinisch te redeneren, dat wil zeggen aan de hand van de klachten van de patiënt kan vaststellen welke mogelijke ziekten de patiënt heeft (differentiaaldiagnose).
  • RPG, Reflectie en professioneel gedrag. Deze lijn start bij aanvang van de coschappen en loopt door tot het coschap huisartsgeneeskunde. De lijn bouwt voort op het CA-onderwijs. De student ontwikkelt communicatieve vaardigheden voor een aantal specifieke situaties, leert te reflecteren op het eigen functioneren als coassistent en ontwikkelt inzicht in de specifieke kenmerken van de arts-patiëntrelatie.
  • Farmacie
    Ook deze lijn start bij aanvang van de coschappen en loopt door tot het coschap huisartsgeneeskunde. De student leert hoe geneesmiddelen kunnen bijdragen aan het oplossen van patiëntproblemen: waarom, wanneer en hoe dient geneesmiddelentherapie te worden toegepast bij patiënten.


Terug naar boven


Verplichte coschappen
De  coschappenperiode beslaat bijna twee jaar en bestaat uit een combinatie van verplichte coschappen en coschappen naar keuze. Tijdens de coschappen maakt je als student via learning-on-the-job op een intensieve manier kennis met de latere beroepspraktijk. Als student ondersteun je de artsen bij diverse werkzaamheden en werk je altijd onder verantwoordelijkheid van een arts.

De beoordeling in de coschappen vindt plaats aan de hand van de Canmeds-competenties. Dit zijn de competenties waarover de basisarts dient te beschikken. Deze competenties zijn: medisch handelen, kennis & wetenschap, communicatie, professionaliteit, samenwerken, organiseren.    

Terug naar boven


Keuze- en oudste coschappen
Na de verplichte coschappen volgt een periode van 18 weken voor oudste en keuzecoschappen. Het oudste coschap duurt 12 weken en kan gecombineerd worden met één of beide keuzecoschappen van ieder 3 weken.

In het oudste coschap krijgt de student meer verantwoordelijkheid dan tijdens de verplichte coschappen.  De coassistent wordt ingezet als zaalarts of draait, onder supervisie van een arts, zelfstandig spreekuren en wordt op deze manier voorbereid op een eventuele toekomstige specialisatie, waarbij de afgestudeerde basisarts als aios (arts in opleiding tot specialist) gaat werken.
Het is mogelijk om het keuze- en/of oudste coschap in het buitenland te volgen.

Terug naar boven


Masteronderzoek
Het masteronderzoek kan worden uitgevoerd voorafgaand aan de coschappen of in aansluiting daarop. Het onderzoek duurt 21 weken. In deze periode voer je als student een onderzoek naar keuze uit. Het onderzoek wordt afgerond met een verslag en soms ook een artikel in een wetenschappelijk tijdschrift.

Het is mogelijk om het masteronderzoek te doen op de afdeling waarop de student ook de keuze- en oudste coschappen heeft gevolgd. Op die manier heeft de student de kans om bijna een volledig studiejaar te werken op een (klinische) afdeling van zijn keuze.
Ook het masteronderzoek kan desgewenst in het buitenland worden gevolgd.

Terug naar boven