target menu
... / ... / ... / ... / Fysiologie / Erectie en zaadlozing
 

Erectie en zaadlozing

Voor een optimale bevruchting is voldoende kwaliteit erectie en voorwaartse zaadlozing nodig. De erectie komt tot stand dankzij een ingewikkelde samenwerking van zenuwen, bloedvaten en zwellichamen van de penis. De bloedvaten en de zenuwen die naar de penis toegaan, komen alle uit het bekken. De erectie begint als een reflex die optreedt, meestal als gevolg van lustgevoelens of seksuele prikkeling. Een man heeft echter gedurende de slaap ook reflex-erecties, die gekoppeld zijn aan een droom. De erectie begint met zenuwstimulatie van beide zwellichamen. Dit leidt tot bloedvatverwijding in de penis en het zwellichaam loopt vol met bloed net als een spons die zich volzuigt met vloeistof. Dit leidt tot een zwelling van de penis. De druk stijgt hierdoor in de penis, waardoor de afvoerende bloedvaten van de penis tijdelijk worden dichtgedrukt. Tegelijkertijd treden er ritmische contracties op van de bekkenbodemspieren. Samen met het afsluiten van de aders leidt dit tot stijfheid van de penis.

Zwellichaam penis voor erectie.                        Zwellichaam penis tijdens erectie.


Zaadlozing

De zaadlozing bestaat uit 2 elkaar opvolgende reflexen:

1. het transport van zaadcellen en zaadvloeistof naar de plasbuis
2. de uitstoot van het sperma uit de penis.

Zenuwprikkeling van de zaadleider en de zaadblaasjes leidt tot transport van de inhoud naar het begin van de plasbuis. Op dit moment sluit de blaasuitgang zich, zodat het sperma niet in de blaas terecht kan komen. Als het begin van de plasbuis volloopt met sperma, ervaart de man zijn seksuele hoogtepunt. Op dit moment is de zaadlozing niet meer te stoppen, opent zich de sluitspier van de plasbuis en wordt dankzij ritmische contracties van de bekkenbodemspieren het sperma naar buiten gestoten. 



Zenuwen van de bekkenbodem 

In de baarmoedermond
Het eerste gedeelte van de zaadlozing bevat vooral zaadcellen en prostaatvocht, het tweede gedeelte vooral vocht uit de zaadblaasjes. Belangrijk is dat zoveel mogelijk zaadcellen terecht komen bij de baarmoedermond, boven in de vagina. Hiervoor is nodig een goede erectie en een goede uitstoot van het sperma uit de penis. Zaadcellen kunnen niet lang overleven in het zure milieu van de vagina. Daarom moeten ze zo snel mogelijk hun weg te vinden naar het slijm van de baarmoedermond, waarin ze wel 2 dagen kunnen overleven. Het vocht uit de zaadblaasjes is bedoeld om de zuurgraad van de vagina zoveel mogelijk te neutraliseren.