Naar topnavigatiemenu Naar hoofdnavigatiemenu Naar hoofdinhoud
Patiëntenfolder

Uw leven na een nierdonatie

U heeft een nier gedoneerd. Hier leest u wat u kunt verwachten van de tijd na de donatie.

Download PDF

Na de nierdonatie neemt de overgebleven nier een deel van het werk van de verwijderde nier over. Uw nierfunctie na donatie is dan ongeveer 65-75% van de nierfunctie die u had met 2 nieren. De nierfunctie verbetert tot dit niveau gedurende de eerste jaren. Hier merkt u niets van.

De meeste donoren zijn na 3 maanden hersteld. Soms komt vermoeidheid voor in het eerste jaar na nierdonatie. Hoe beter de conditie voor de donatie, hoe sneller het herstel.

Een enkele keer zijn er na de donatie klachten van langer bestaande pijn of verminderde energie.

Na het doneren kunt u alles doen wat u voorheen ook deed. Zoals bijvoorbeeld sporten en werken. U hoeft geen dieet te volgen of medicijnen in te nemen, omdat u uw nier gedoneerd heeft. Wel krijgt u het advies om voldoende te drinken, zoutarm te eten, een gezonde levensstijl te hebben en niet te roken. Zoals ook het advies geldt voor de algehele bevolking.

Zowel voor als na de nierdonatie kunnen pijnstillers met een ontstekingsremmende werking (NSAID's) de nier beschadigen. Zoals bijvoorbeeld ibuprofen of naproxen. Wij adviseren u deze medicijnen bij voorkeur niet te gebruiken.

De tijd na de nierdonatie kan als een emotionele tijd worden ervaren door donoren. Dit geldt zowel voor nierdonatie aan een bekende, als nierdonatie aan een onbekende patiënt. U leeft tijdens het vooronderzoek lang naar de donatie toe. De opname in het ziekenhuis duurt maar enkele dagen. Dat kan de periode daarna moeilijker maken: het is dan ineens 'klaar'.

Het donatieproces kan invloed hebben op de relatie van u en uw ontvanger. U heeft misschien bepaalde verwachtingen van elkaar, van de operatie of van het herstel. Het kan zijn dat de verwachtingen die u voor de donatie had, niet overeenkomen met wat u na de donatie ervaart. De herstelperiode van u en uw donor is verschillend. De ontvanger voelt zich na de operatie vaak snel beter en heeft meer energie dan ervoor. U heeft als gezond persoon een operatie ondergaan. U voelt zich na de operatie vaak minder goed dan voor de operatie. Het kan soms moeilijk zijn dat u na de operatie niet meteen weer alles kan. Het is belangrijk om hierbij van tevoren stil te staan.

De anonieme donor heeft geen contact met de ontvanger. Dat is om beide partijen in hun privacy te respecteren en te beschermen. Ook dit kan als lastig ervaren worden. Als u hierin begeleiding wenst, is het mogelijk dat een maatschappelijk werker of psycholoog u bijstaat.

Veel voorkomende aandoeningen die binnen de algemene bevolking voorkomen zoals overgewicht, hoge bloeddruk (hypertensie), het ontwikkelen van suikerziekte (diabetes mellitus) kunnen nierschade geven op lange termijn. Bij donoren kunnen ook deze aandoeningen optreden op latere leeftijd, of u nu wel of niet gedoneerd heeft. De controles voor donoren zijn preventief om nierschade van deze aandoeningen op de lange termijn te voorkomen. Mocht er iets afwijkends uit de controle komen, dan wordt u doorverwezen naar uw huisarts of specialist.

1 week na de operatie wordt u gebeld door de verpleegkundig specialist chirurgie. Ongeveer 6 weken na de operatie komt u op controle bij de verpleegkundig specialist transplantatiechirurgie of transplantatiechirurg op de polikliniek heelkunde. Tijdens deze controle wordt nagegaan hoe uw herstel verloopt. Ook zal de verpleegkundig specialist transplantatiechirurgie of transplantatiechirurg controleren of de wonden goed genezen en de nierfunctie in het bloed controleren. Wanneer de chirurg tevreden is hoeft u niet meer terug te komen voor chirurgische controle.

Na 3 maanden en na 1 jaar komt u op controle bij de verpleegkundig specialist niertransplantatie op de polikliniek Nefrologie. Tijdens deze afspraak wordt uw bloeddruk gemeten en uw gewicht genoteerd. De nierfunctie wordt nagekeken aan de hand van bloed en urine.

Daarna gaan we over op telefonische controles. Hiervoor kunt u in uw buurt terecht bij een prikpost voor uw bloed- en urine afname. De controles zullen eerst elk jaar plaatsvinden en na 3 jaar 1 keer in de 2 jaar.

Na donatie kunt u veilig zwanger worden. Het risico op een hoge bloeddruk en zwangerschapsvergiftiging is hoger dan bij zwangerschappen in de algemene bevolking. Dit risico is echter nog steeds klein. Ook zijn er geen nadelige gevolgen voor het kind en de moeder aangetoond.

We adviseren vrouwen die zwanger worden na donatie regelmatig de bloeddruk en urine te laten controleren.

Heeft u een zwangerschapswens? Bespreek dit dan met ons. Het is niet verstandig om direct na donatie zwanger te worden.