Over een Whipple operatie
Deze operatie wordt vaak gedaan bij een tumor in de galblaas, galwegen, het eerste deel van de dunne darm of in de alvleesklier. Soms wordt de operatie ook uitgevoerd bij ernstige chronische ontstekingen van de alvleesklier.
Er zijn verschillende soorten Whipple operaties:
_(1).png)
- Klassieke Whipple operatie
- Hierbij wordt het onderste deel van de maag inclusief de maaguitgang (= pylorus), de twaalfvingerige darm (= duodenum), de galblaas en een deel van de alvleesklier (= pancreas) verwijderd. De dunne darm wordt gebruikt om een nieuwe verbinding te maken tussen maag, alvleesklier, galwegen en darmen.
- Pylorus ring-resectie pancreatoduodenectomie (PRPD)
- Hierbij wordt de maaguitgang (= pylorus), de twaalfvingerige darm (= duodenum), de galblaas en een deel van de alvleesklier (= pancreas) verwijderd. De dunne darm wordt gebruikt om een nieuwe verbinding te maken tussen maag, alvleesklier, galwegen en darmen.
- Pylorussparend pancreatidoduodenectomie (PPPD)
- Hierbij wordt de twaalfvingerige darm (= duodenum), de galblaas en een deel van de alvleesklier (= pancreas) verwijderd. De dunne darm wordt gebruikt om een nieuwe verbinding te maken tussen maag, alvleesklier, galwegen en darmen.
_(1).png)
Afbeelding(en) gemaakt met BioRender.com
In de maag wordt het eten tijdelijk opgeslagen, gekneed, vermengd met maagsap en gedeeltelijk verteerd. De maaguitgang (= pylorus) zorgt ervoor dat het eten langzaam naar de darmen gaat. Als de pylorus bij de operatie is weggehaald, kan eten en drinken sneller en in grotere hoeveelheden in de dunne darm terecht komen. Dit kan klachten geven (zie ook het kopje 'Dumping').
De alvleesklier maakt insuline en verteringssappen. Insuline regelt de bloedsuiker. Verteringssappen helpen bij de vertering van voeding in de darm.
De twaalfvingerige darm is het eerste stuk darm waar het voedsel na de maag binnenkomt. In de twaalfvingerige darm komen de verteringssappen uit de galblaas en alvleesklier bij het voedsel. Bij de operatie wordt dit deel vaak weggehaald.
Gal wordt in de lever gemaakt en opgeslagen in de galblaas. Gal is nodig om vet te verteren. Na de operatie is de galblaas verwijderd. Gal gaat dan direct van de lever naar de darm. De werking van gal blijft hetzelfde. U mag dus gewoon vet blijven eten.
Algemene informatie en adviezen
Door de operatie en de lichamelijke veranderingen, kunnen er klachten ontstaan die het eten en drinken moeilijker maken. Mogelijke klachten zijn onder andere minder eetlust, snel een vol gevoel, een andere smaak, misselijkheid, braken en diarree. Ook kunnen pijn en angst ervoor zorgen dat het eten en drinken moeilijker gaat. Onderstaande voedingsadviezen geven aan hoe u het beste kunt eten na uw operatie.
Na de operatie kan de maag tijdelijk minder goed werken. Voedsel blijft dan langer in de maag. Hierdoor kunt u klachten krijgen, zoals: misselijkheid, snel vol gevoel, overgeven, druk op de maag, opgeblazen gevoel, opboeren of brandend maagzuur, weinig of geen honger. Deze klachten gaan meestal binnen 2 tot 3 maanden vanzelf over.
Adviezen hierbij zijn:
Adviezen hierbij zijn:
- Eet vaak kleine beetjes. Probeer iedere 1,5 tot 2 uur iets te eten.
- Eet rustig en kauw goed.
- Blijf 30 minuten rechtop zitten na het eten.
- Maak een rustige wandeling na de maaltijd.
- Geeft de warme maaltijd ’s avonds klachten? Eet deze dan ’s middags.
- Als vaste voeding lastig is, kies dan zachte of vloeibare voeding zoals pap, yoghurt, brood zonder korst, gepureerde groente of soep.
- In sommige gevallen kan tijdelijk sondevoeding nodig zijn.
Na de operatie kan het gebeuren dat voedsel te snel in de dunne darm terecht komt. Dit noemen we dumping. Hierdoor kunt u klachten krijgen, zoals: buikpijn, misselijkheid, diarree, zweten, trillen, duizeligheid, hartkloppingen of flauwvallen. Om dumping te voorkomen, helpt het om rustiger te eten, kleinere porties te gebruiken en eten en drinken gescheiden te houden van elkaar. Drink bijvoorbeeld pas 30 minuten na de maaltijd. De diëtist geeft u verdere persoonlijke adviezen.
Omdat de alvleesklier deels is verwijderd is er een tekort aan spijsverteringsenzymen, waardoor uw lichaam voeding niet meer goed kan verteren. Daarom heeft u medicijnen nodig in de vorm van pancreasenzymcapsules. Als u te weinig pancreasenzymen inneemt tijdens het eten, wordt de voeding alsnog niet goed verteerd. Hierdoor kunt u last krijgen van winderigheid, een opgeblazen gevoel, krampen, buikpijn en vettige dunne ontlasting. Ook kunt u afvallen, zelfs als u genoeg eet. De diëtist legt uit hoe u de pancreasenzymcapsules moet innemen bij de maaltijden. Ook is er een aparte folder over pancreasenzymcapsules.
Adviezen voor de herstelfase: eiwit- en energieverrijkt dieet
Na de operatie heeft uw lichaam meer voeding dan normaal nodig om te kunnen herstellen, terwijl het nu juist moeilijk kan zijn om te eten. Als uw lichaam te weinig voeding binnenkrijgt, ontstaat er een tekort aan voedingsstoffen en zult u afvallen. Dit gewichtsverlies is niet alleen vet, maar ook spieren. Hierdoor kan ondervoeding ontstaan. Ondervoeding zorgt onder andere voor een slechtere wondgenezing, een hoger risico op infecties en een langzamer herstel. Het is daarom belangrijk om uw gewicht zoveel mogelijk stabiel te houden en uw spieren te blijven gebruiken door in beweging te blijven. Houd er wel rekening mee dat gewichtsverlies niet altijd te voorkomen is na deze operatie.
Het advies is om wekelijks te wegen. Doe dit bij voorkeur op een vaste dag in de week voor het ontbijt, op dezelfde weegschaal en in dezelfde kleding. Het doel is om het gewichtsverlies zo snel mogelijk te stoppen. Als u blijft afvallen, neemt dan contact op met uw diëtist.
Tijdens het herstel van de operatie heeft uw lichaam extra eiwitten en energie nodig. Eiwitten zijn de bouwstenen van het lichaam. Ze helpen bij de opbouw en het herstel van spieren, organen en weefsels. Ook spelen ze een belangrijke rol in het immuunsysteem en ze zorgen ervoor dat het lichaam goed functioneert. Eiwitrijke voedingsmiddelen zijn: vlees, gevogelte, vis, melk, yoghurt, kwark, kaas, ei, soja, noten, pitten en zaden, peulvruchten (zoals kikkererwten, linzen en bonen) en vegetarische vleesvervangers. Een ander woord voor eiwit is ‘proteïne’. Er zijn veel producten in de supermarkt met extra proteïne. Sommige van deze producten zijn goed om te gebruiken, maar anderen zijn een verkoop truc. Kijk daarom goed op de verpakkingen om te zien of de proteïne variant daadwerkelijk meer eiwit bevat dan de normale versie.
Probeer per dag gebruik te maken van ongeveer 1,5 gram eiwitten per kilogram lichaamsgewicht. Stel dat u 70 kg weegt, dan heeft u 105 gram eiwit per dag nodig. Om een idee te krijgen van hoeveel eiwit overal in zit, kunt u gebruik maken van het onderstaand overzicht:
Om gewichtsverlies zoveel mogelijk te beperken, is extra energie nodig. Energie is de brandstof van het lichaam en dit wordt uitgedrukt in kilocalorieën (kcal).
Probeer per dag gebruik te maken van ongeveer 1,5 gram eiwitten per kilogram lichaamsgewicht. Stel dat u 70 kg weegt, dan heeft u 105 gram eiwit per dag nodig. Om een idee te krijgen van hoeveel eiwit overal in zit, kunt u gebruik maken van het onderstaand overzicht:
| Brood, crackers en graanproducten | Eiwit (gram) |
| 1 rijstwafel/cracotte/cream cracker | 0 |
| 1 knäckebröd/beschuit/ontbijtkoek | 1 |
| 1 snee brood | 3 |
| 1 portie (40 gram) muesli/cornflakes | 3 |
| 1 broodje/bolletje | 4 |
| 1 portie (40 gram) havermout | 5 |
| Melk, yoghurt en kwark | Eiwit (gram) |
| 1 schaaltje (150 ml) vla | 3 |
| 1 glas (150 ml) melk/karnemelk/ yoghurtdrink/chocolademelk/sojamelk | 5 |
| 1 schaaltje (150 ml) (griekse) yoghurt | 6 |
| 1 schaaltje (150 ml) kwark | 11 |
| 1 schaaltje (150 ml) ijslandse yoghurt (Skyr) | 16 |
| 1 bakje (200 ml) proteine kwark uit de supermarkt (bijv. van Melkunie of HiPRO) | 20 |
| Beleg | Eiwit (gram) |
| 1 portie roomboter/margarine/halvarine | 0 |
| 1 portie zoet beleg (bijv. jam, vruchtenhagelslag, honing) | 0 |
| 1 portie smeerkaas/hüttenkäse/hummus/slaatje (bijvoorbeeld eiersalade, tonijnsalade, kipsalade) | 2 |
| 2 plakjes vleeswaren | 4 |
| 1 portie pindakaas | 5 |
| 1 ei | 6 |
| 1 voorgesneden plak kaas | 7 |
| Tussendoortjes | Eiwit (gram) |
| 1 portie fruit/fruitsmoothie/fruitmoes | 0 |
| 1 portie rauwkost | 0 |
| 1 portie snoep/waterijs | 0 |
| 1 koekje/chocolaatje/roomijsje | 1 |
| 1 klein zakje chips | 2 |
| 3 falafel balletjes | 4 |
| 1 handje (25 gram) noten | 5 |
| 1 handje (25 gram) geroosterde kikkererwten | 5 |
| 1 babybel/cheesetring/cheese dippers | 5 |
| 1 schep eiwitpoeder | 5 |
| 1 bifi worstje | 6 |
| 1 easy to eat | 8 |
| 1 bouwsteentje | 9 |
| 1 haring | 13 |
| 1 eiwitreep | 10 tot 15 |
| Warme maaltijd | Eiwit (gram) |
| 1 portie boter/olie | 0 |
| 100 gram groenten | 2 |
| 100 gram aardappelen/rijst/pasta | 2 tot 5 |
| 100 gram vegetarisch (zoals peulvruchten, tofu, kant-en-klaar vegetarisch product) | 10 tot 20 |
| 100 gram vis | 20 |
| 100 gram vet vlees (zoals schnitzel, hamburger, saucijs, worst) | 20 |
| 100 gram mager vlees (zoals kipfilet, tartaar, ossenhaas, rosbief) | 30 |
Om gewichtsverlies zoveel mogelijk te beperken, is extra energie nodig. Energie is de brandstof van het lichaam en dit wordt uitgedrukt in kilocalorieën (kcal).
- Eet bij een vol gevoel liever iedere 1,5-2 uur een kleine hoeveelheid, in plaats van een paar keer per dag een grote maaltijd
- Wanneer de geur van (het bereiden van) eten tegenstaat, zorg dan voor een goed geventileerde ruimte of maak gebruik van koude gerechten, zoals een koude pastasalade.
- Breng variatie aan in uw voeding. In plaats van een boterham kunt u ook een cracker, tosti, wentelteefje of havermoutpap nemen.
- Smeer ruim boter of margarine, of vervang boter eens door mayonaise.
- Vervang zoet broodbeleg (zoals jam) door hartig broodbeleg (zoals kaas), of behoud het zoete beleg en eet daarnaast nog hartig beleg uit het vuistje. Neem eventueel dubbel beleg zoals een kipfilet met ei, kaas met avocado, hüttenkäse met zalm, geitenkaas met walnoten of pindakaas met banaan.
- Voeg noten, pitten en zaden toe aan de yoghurt en de kwark, zoals walnoten, pompoenpitten en hennepzaad.
- Vervang water en thee door melk, karnemelk, sojamelk en dergelijken.
- Voeg melk toe aan de koffie, zodat het een koffie verkeerd, cappuccino of latte macchiato wordt.
- Vervang een koekje bij de koffie eens door een handje ongezouten noten.
- Gebruik bij iedere warme maaltijd een eiwitbron, zoals vlees, gevogelte, vis of vegetarisch. Denk bij vegetarische voedingsmiddelen aan peulvruchten, soja, tofu, tahoe, tempé, kaas, ei, noten en vegetarische vleesvervangers zoals vegetarische rulstukjes of een vegetarische burger.
Eiwitrijke voeding is meestal tot 3 maanden na de operatie nodig, zodat uw wonden goed kunnen genezen en uw spieren stabiel of sterker worden. Energierijke voeding is nodig totdat uw gewicht stabiel is. Het kan voorkomen dat u toch langer extra eiwitten en energie nodig heeft, uw diëtist zal hierover advies geven.
Als het niet lukt om voldoende te eten en uw gewicht stabiel te krijgen, dan kan de diëtist adviseren om gebruik te maken van medische voeding. Er is een groot assortiment aan medische voeding verkrijgbaar, zoals drankjes, siropen, poeders en gels. Deze producten zijn niet verkrijgbaar in de supermarkt, maar worden door uw diëtist geregeld.
Adviezen voor de herstelfase: beweging
Voeding alleen is niet genoeg voor het herstel. Beweging is ook belangrijk. Beweging zorgt ervoor dat uw spieren sterk blijven, uw uithoudingsvermogen verbetert en het lichaam de eiwitten uit de voeding beter kan opnemen. Om uw spiermassa en spierkracht zoveel mogelijk te behouden of te verbeteren is het advies om elke dag te bewegen. Dit begint met op de rand van uw bed zitten en vervolgens met lopen en dagelijkse activiteiten. Voor meer informatie over specifieke bewegingsadviezen of training kunt u contact opnemen met uw (huis)arts en/of oncologisch fysiotherapeut.
Contact
Heeft u vragen? Of heeft u meer informatie nodig? Of wilt u een afspraak maken met een diëtist? Dan kunt u ons bereiken via:
- (010) 7033055 van maandag t/m vrijdag van 8.30 tot 12.30 uur
- dietetiek@erasmusmc.nl