Naar topnavigatiemenu Naar hoofdnavigatiemenu Naar hoofdinhoud
bandage
Aandoening

Atrioventriculair septumdefect -AVSD- bij volwassenen

Atrioventriculair septumdefect -AVSD- bij volwassenen: over deze aandoening

Een atrioventriculair septumdefect (AVSD) is een aangeboren hartafwijking  waarbij er een gat is in het midden van het hart, waar boezemtussenschot, het kamertussenschot en de kleppen tussen boezems en kamers bij elkaar horen te komen. Bij een compleet AVSD is er een gat in zowel het boezem- als kamertussenschot, bij een partieel ASVD is er alleen een gat in het boezemtussenschot.

Doordat bloed door deze gaten van de ene naar de andere boezem en/of kamer kan oversteken ontstaat een volumebelasting van het hart, waardoor de hartkamers groter worden en uiteindelijk hartfalen kan ontstaan. In plaats van twee afzonderlijke kleppen is er één grote AV-klep, die doorgaans (ernstig) lekt. De kleplekkage vergroot de volumebelasting van de hartkamers verder. De meeste patiënten op onze volwassenenpoli voor aangeboren hartafwijkingen hebben op kinderleeftijd al  chirurgische correctie ondergaan. Een enkele keer wordt een AVSD pas op volwassen leeftijd pas ontdekt. 

Wat wij voor u doen

Om de diagnose te stellen maken we een echocardiogram en elektrocardiogram (ECG). Als het echocardiogram onvoldoende uitsluitsel geeft maken we een MRI-scan van het hart. Soms is een slokdarmechocardiogram nodig om uw hart meer in detail te beoordelen.

 

Zwangerschap is bij vrouwen met een AVSD vaak goed mogelijk, maar kan in sommige gevallen wel een verhoogd risico op hartfalen of ritmestoornissen geven. Bespreek uw kinderwens daarom met uw cardioloog. Extra onderzoek, zoals een extra echocardiogram, MRI of inspanningsonderzoek, goede voorlichting en mogelijk een ingreep voorafgaand aan de zwangerschap beperken het risico op complicaties.

 

Een AVSD kan alleen met een hartoperatie worden  behandeld. Daarbij worden de tussenschoten gesloten en van de ene grote AV-klep twee afzonderlijke kleppen gemaakt en de kleplekkage gerepareerd. 

 

Na chirurgische correctie van een AVSD kunnen er restafwijkingen, zoals een milde kleplekkage zijn, of kunnen nieuwe veranderingen in klepfunctie of hartritme ontstaan. U blijft onder controle om eventuele veranderingen tijdig op te sporen, zodat - indien nodig  - op tijd behandeld kan worden. Bij elke controle bepaalt uw cardioloog opnieuw op welke termijn en nieuwe controle nodig is.

Ook met een ongecorrigeerd AVSD blijft u onder controle, zodat bij eventuele toename van afwijkingen tijdig kan worden ingegrepen.  

 

Op de polikliniek treft u uw cardioloog, die met u bespreekt of een behandeling nodig is of (nog) niet. Soms wordt u te woord gestaan door een cardioloog in opleiding, die wordt gesuperviseerd door de cardioloog. Een verpleegkundig consulent  helpt met controles bij het instellen van medicatie en met psychosociale ondersteuning. Voor een operatie wordt u opgeroepen op het pre-operatieve spreekuur, waar alle zaken rondom de ingreep met u worden besproken. Tijdens een opname ziet u verschillende afdelingsartsen en verpleegkundigen. Als het nodig is, bieden wij ondersteuning aan van ons psychosociaal team. 

Komt u binnenkort bij ons op bezoek?

Hoe bereidt u uw gesprek voor? Wat neemt u mee? Alles wat u moet weten in een handig overzicht.
Bereid u voor