Naar topnavigatiemenu Naar hoofdnavigatiemenu Naar hoofdinhoud
Nieuws

Half miljoen voor onderzoek naar hersenstamkanker

20 januari 2020

Half miljoen voor onderzoek naar hersenstamkanker

Dr. Sophie Veldhuijzen van Zanten, aios op de afdeling Radiologie en Nucleaire Geneeskunde, doet onderzoek bij kinderen met hersenstamtumoren. Centraal daarbij staat een nieuwe gecombineerde PET-MRI scanner, die door het Erasmus MC in gebruik is genomen. Daarmee kan worden onderzocht of er manieren zijn om chemotherapie in de tumor te brengen met zo min mogelijk bijwerkingen in de rest van het lichaam. Het onderzoek, waaraan de stichting Semmy een subsidie van € 500.000,- heeft toegekend, wordt uitgevoerd in het Erasmus MC. Hersenstamkanker (ook wel diffuus intrinsiek ponsglioom of DIPG geheten) is een kwaadaardige tumor waar kinderen gemiddeld genomen binnen elf maanden aan overlijden. Sophie Veldhuijzen van Zanten promoveerde in 2017 in VUmc op onderzoek naar een dodelijke vorm van hersenstamkanker bij kinderen.

Huidige behandeling van hersenstamkanker

Bij hersenstamkanker is de tumor nauw verweven met hersenzenuwen die belangrijke functies aansturen, zoals de ademhaling en de hartslag. Operatief verwijderen van de tumor is daarom niet mogelijk. De huidige behandeling bestaat uit bestraling en verlengt het leven van kinderen met DIPG enkele maanden, maar brengt geen genezing. Daarnaast zijn wereldwijd meer dan 250 studies uitgevoerd waarin verschillende soorten chemotherapie werden toegediend. Geen van deze behandelingen heeft echter geleid tot overleving, mogelijk doordat chemotherapie de tumor onvoldoende bereikt.

Door het maken van een PET-scan na toediening van chemotherapie waaraan een radioactief vlaggetje is gekoppeld, kan in beeld worden gebracht hoe dit medicijn zich in het lichaam verspreidt.  Veldhuijzen van Zanten en collega’s waren de eersten die aantoonden dat deze beeldvormende techniek veilig kan worden toegepast bij kinderen met DIPG. Daarbij bleek dat chemotherapie nauwelijks werd opgenomen in de tumor terwijl het in de rest van het lichaam wel bijwerkingen kon veroorzaken.

Alternatieve manieren toedienen van chemotherapie

Onderzoek naar de behandeling van hersentumoren richt zich op alternatieve manieren waarop chemotherapie kan worden toegediend, in plaats van de standaard via de aderen. Aan lokale toediening zoals via convection enhanced delivery (CED) wordt al gewerkt. Maar ook intra-arteriële toediening (via de slagaderen) biedt een alternatief. Bij dit laatste wordt de chemotherapie zo lokaal mogelijk toegediend in een bloedvat dat de tumor van voedingsstoffen voorziet. Ander onderzoek richt zich op manieren om de bloed-hersenbarrière te openen.

Een recente studie bij proefdieren laat zien dat intra-arteriële toediening met opening van de bloed-hersenbarrière leidt tot een significant hogere opname van chemotherapie in de hersenen. De eerste studies bij volwassenen met een hooggradig glioom (HGG) zijn eveneens veelbelovend. Er zijn echter nog geen grootschalige studies naar de intra-arteriële toediening van chemotherapie bij kinderen en ook nog geen studies die de verspreiding van chemotherapie in de hersenen in beeld brengen door middel van de gecombineerde PET-MRI techniek.

Nieuw onderzoeksproject

Het doel van het nieuwe onderzoeksproject is om door middel van PET-MRI te zien of intra-arteriële toediening gecombineerd met opening van de bloed-hersenbarrière inderdaad leidt tot een hogere opname van chemotherapie in de tumor ten opzichte van de standaard toediening. De verwachting is dat de chemotherapie de tumor beter bereikt terwijl het zich minder verspreidt in de rest van het lichaam, waarmee in patiënten meer effect en minder bijwerkingen worden beoogd. De methodes zullen eerst worden onderzocht bij volwassen patiënten met hersentumoren alvorens ze worden vertaald naar studies voor kinderen met DIPG. Dit zal plaatsvinden in het Prinses Máxima Centrum in Utrecht waar kinderen met DIPG centraal worden behandeld.

Over Stichting Semmy

Sophie Veldhuijzen van Zanten is in de afgelopen zeven jaar nauw betrokken geraakt bij de kinderen en families die kampen met DIPG en bij Stichting Semmy. “Ik ben zeer gedreven om ook met dit project zo veel mogelijk te bereiken met als doel een bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van een veilige, verdraagzame en effectieve behandeling.” John Emmerik en Nicole van Dijk-Bakker richtten Stichting Semmy in 2007 op nadat hun zoon Semmy overleed aan DIPG. Stichting Semmy zet zich sindsdien in om onderzoek naar DIPG te stimuleren in de hoop de overlevingskansen voor ieder kind met deze aandoening te verhogen. “We zijn enthousiast dat we weer een onderzoek kunnen laten uitvoeren, dit keer in het Erasmus MC. We verwachten veel van dit onderzoek“, zegt Emmerik. Van Dijk-Bakker voegt daaraan toe: “We zijn heel dankbaar dat we dankzij onze donateurs het onderzoek naar een behandeling tegen DIPG verder kunnen verbreden. Dr. Veldhuijzen van Zanten is heel begaan en zal met haar expertise en die van haar collega’s in het Erasmus MC veel kunnen bereiken.”